Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 108 dialectwoorden voor `rijden`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : akker (23x) : masker (112x) : bekvechten (44x) : tijd (68x) : naar bed gaan (38x) : volgende (23x) : eens (59x) : stiekem (22x) : roken (148x) : nieuws (62x)



50 vertalingen voor het Nederlandse woord `rijden`

  1. rijden = raihje (Alfus)
  2. rijden = jaag'n (Rijssens)
  3. rijden = raaie (Hulsters (NL))
  4. rijden = ri-je (Horster)
  5. rijden = reien (Riekevorts)
  6. rijden = ri-jen, (Achterhoeks)
  7. rijden = rie'n (Zeeuws)
  8. rijden = ried'n (Westerkwartiers)
  9. rijden = rieën, riestern, rotsn (Kortemarks)
  10. rijden = riej'n (Elspeet)
  11. rijden = riej'n (Roeselaars)
  12. rijden = rieje (Flakkees)
  13. rijden = rieje (Ouddorps)
  14. rijden = rieje (Venloos)
  15. rijden = rieje (Neerpelts)
  16. rijden = riejen (Flakkees)
  17. rijden = riejen (Budels)
  18. rijden = rien (Harelbeeks)
  19. rijden = rijen (Prinsenbeeks)
  20. rijden = rijje (Mestreechs)
  21. rijden = reeje (Venrays)
  22. rijden = rijn (Geels)
  23. rijden = roan (Bornems)
  24. rijden = roie (Westfries)
  25. rijden = vaare (Sittards)
  26. rijden = vaare (Sin tunnis)
  27. rijden = vaare (Kerkraads)
  28. rijden = vaare (Voerens)
  29. rijden = vahre (Hasselts)
  30. rijden = vaore (Bilzers)
  31. Rijden = Veurn (Wierdens)
  32. rijden = raan (Kaprijks)
  33. rijden = raan (Westels)
  34. Rijden = Rieje (Zurriks)
  35. rijden = rieyen (Sevenums)
  36. rijden = rije (Eindhovens)
  37. rijden = vaare (Sjilvends)
  38. rijden = vare (Roermonds)
  39. rijden = rienn (Zeeuws)
  40. rijden = vare (Mestreechs)
  41. rijden = rieën, reej, hereejn (Zeeuws)
  42. rijden = reijen (Urkers)
  43. rijden = vare (Eys)
  44. rijden = riejun, rie-en (Lunters)
  45. rijden = broezen (Gronings)
  46. rijden = karre (Westlands)
  47. rijden = raie (Alfus)
  48. rijden = bollen (Riemsts)
  49. rijden = vaare, koetsje (Heerlens)
  50. rijden = rieén (Terneuzens)


1 vertalingen voor het dialectwoord `rijden`

  1. rijden = riejen (Oldebroeks)