Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 99 dialectwoorden voor `plagen`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : schreeuwen (123x) : koud (112x) : Horloge (183x) : gracht (59x) : Verschillend (30x) : stroper (30x) : laatste (64x) : libel (25x) : bakje (27x) : ik (122x)



50 vertalingen voor het Nederlandse woord `plagen`

  1. plagen = jensse (Opglabbeeks)
  2. Plagen = Kull'n (Veurns)
  3. plagen = ambeteern, dn duuvl andoen, duuveln, kloîtn, kniezn, kulln, plaogn, temteern, tinzn (Kortemarks)
  4. plagen = ambetern (Zottegems)
  5. plagen = judasse (Geuls)
  6. plagen = klooët' n, kull' n, teinz' n (Waregems)
  7. plagen = mieterjaegene (Ouddorps)
  8. plagen = plaoge (Venloos)
  9. plagen = ploag'n (Westerkwartiers)
  10. plagen = Sjenken (Betuws)
  11. plagen = tinsen (Evergems)
  12. plagen = transeneere (Lanakens)
  13. plagen = triffeln (Poperings)
  14. plagen = jense (Geuls)
  15. plagen = judassen (Sinnekloases en niekaarks)
  16. plagen = koejenere (Zummers)
  17. plagen = pessekweire (Leuvens)
  18. plagen = plaoge (Heldens)
  19. plagen = ploagen (Epers)
  20. plagen = treïten (Moes)
  21. plagen = plaohn (Zeeuws)
  22. plagen = duvel'n (Roeselaars)
  23. plagen = kul'n (Harelbeeks)
  24. plagen = kul'n (West-Vlaams)
  25. Plagen = Koejoeneren (Sint-Katelijne-Waver)
  26. Plagen = Treitere (Sint-Katelijne-Waver)
  27. plagen = judasse (Oudenbosch)
  28. plagen = judassen (Sint-Niklaas)
  29. plagen = ploage (Heerlens)
  30. plagen = koeënere (Neerharens)
  31. plagen = ambetere (Kinroois)
  32. plagen = ambeteïren (Ransts)
  33. plagen = joedassen (Montforts)
  34. plagen = toeke (Mestreechs)
  35. plagen = krijte (Nijlens)
  36. plagen = trenseneere (Weerts)
  37. plagen = koejenieëre (Bilzers)
  38. plagen = (z) judasse (Bilzers)
  39. plagen = judasse (Bilzers)
  40. Plagen = Nestepikken (Hansbeeks)
  41. plagen = pessekweire (Tiens)
  42. plagen = faredjiere, stinkere (Walshoutems)
  43. plagen = kullen (Kortrijks)
  44. plagen = keujenere (herenthouts)
  45. plagen = plaegen (Huizers)
  46. plagen = ambetiëre (Bilzers)
  47. plagen = transenieëre (Munsterbilzen - Minsters)
  48. plagen = pleagje (Fries)
  49. plagen = koeioneern (Moorsel)
  50. plagen = jenne (Opglabbeeks)