Bambrugs

Dialecten > Oost-Vlaanderen > Bambrugs

Bambrugs bevat 22 gezegden, 435 woorden en 1 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers.

PDFLog in

22 gezegden

Alles was kapot't Was oalemoal noar den duvel
Als ge teveel gedronken hebt, is het moeilijk om uw evenwicht te behoudenOagd'a vast oan de plakken van d'huizen
Blind vertrouwen hebbenGe z'out èm d'Heer geven zonder te biechten
De haas en de schildpadTijd genoeg komt te loat
Een paard dat moet werken moet haver krijgenE pèird da moe wèrken moe hoaver èn
Hij heeft een slecht humeurZ'n moesj stoat verkeerd
Hoe gaat het met uOe ièst me au
Iedereen zijn zinIeder zijn meug zei de zeug
iemand aftroevenzijn hoaver geven
iets heel klein't is moar ne veusschuut gruuet
Ik ben het't ben te k'ik
Ik heb je nodig'k em a vandoen
Ik zie je graag'k zien a geirn
Ik zou je iets willen vragen'k zo a iet will'n vroagen
Je hebt de verkeerde tijdA horluge stoat op Sottegem
Je hebt het al gekregenDa h'et gèt had ètj
Je moet assertief zijnGe moetj veur a zelf opkom'n
Mijn uurwerk is stilgevallenKoart van m'n bille, m'n orluge stoa stille
Vanwaar kom jeVawor komde gij
voor u zelf opkomenge meug d'a ni loaten doen
Wat is je naamOe noemde gij
Wees welkomKom bin'n en zjet a ge moetj 'ier ni wèrken

435 woorden

'n haageen oug
's morgens't smèrg's
't bijzonderste't prinstjepolstje

A

aalbessentroskesbezen
aalpompzjeikpomp
aanbeeldoambièld
aardappelenpetotters
aardappelenpetatten
aardbeienerrebezen
achteraanvanachter
achterafachternoar
achterklapachter 't gat
afgevrorenafgevrozen
afpeigerenafbeulen
Afrikaantjesstinkerkes
afzagenafzoagen
andijvieandijf
appelbomenappeléjers
asschramoulle
augurkkornisjong

B

baantjeboantj'n
baksteenboerkestiën
banaanbanan
bedeisterenbedesjtern
beekjebiksken
beenhouwerbiénhaur
begrijpenverstoan
benzinenafte
beschaamd zijnbeschomd zijn
beschadigdgeschalotterd
betonbetong
betonsnelbouwsteenaskestiën
bevrorenafgevrosen
bezoekenomsteken
bidprentjeduuedbiljeke
bietpedrouf
bietbetroug
bietenbetrougen
bigviggen
bijnabekanst
bioscoopcinema
blauwe steenerduin
bloedworstbluuwust
bloemkolenbloemkuueln
boodschapcommisjie
boombuuëm
boomgaardbogert
boomstronkeisgat
bordtelluur
bordvagerbordveiger
bosduifstokduif
braadpanbreipenne
broodbruued
bruisenbroebeln
bukshaagpallemei
bultoebbel

C

confituurgelei

D

dakpannendekpenn
de grachtde grecht
de kelderde keljer
de livingde livink
de moestuinde lochtink
defectkapot
deugnietpistepulle
deugnietniewéert
deurkozijnzjambrang
dierbièst
dierenvervoerbièstewoagen
dikwijlsdikelsj
dinsdagdeisendag
dodendued doen
dominostekkerkattekop
dommerikteppen
donderdagdonderdag
dooddued
doodvermoeidduemoej
doorzagendeurzoagen
dorpeldurpel
driehoekdreioek
drinkwaterputstiënput
drogendruegen
droogbloemenstruuëbloemen
duwendoagen
duwenstampen
dwaasdwèis

E

een baal stronen bot struue
een beetje'n bitj'n
één derde hectare’n dagwant

E

een haannen hoan
een hengstnen hinkst
een ingerichte keuken'n imgemokte keuken
een kachel'n stoof
een kip'n poelje
een koeienstalne koestaul
een merrie‘n merre
een paardenstalne pèjerestaul
een trekpaard‘n boerepèerd
een varkensstalne veirkestaul
eendènje
eetkamerde veurste ploasj
eetkamerde schuene ploasj
eggenschoeperen
elegantpertig
elektriciteiteletriek
emmeroaker
enkelknoessel
ergvriét
ergneig
ergnèg

F

fierprusj
fietsvelo
fietsstuurguidon
fluorescentielampdaglicht
fotopotret

G

gatjeolleke
gekooktgezojen
gekwetstgeschalotterd
geldgeldj
geraniumszjeraunioms
gerstschoekeloen
geweldiggralèk
gezondheidsanté
glijbaansleerboan
glijbaanafrijzer
godsdeelgoensdielj
graangroan
gras maaien’t ges afdoen
grasbermgeskant
grindgravié
grindkarèllekes
groentengroensjel
groententuingroensjelhof

H

haakoak
haanoaun
hagelenhougeln
hameroamer
handelaarmarsjang
harkbrokske
haverhouver
heel dronken zijnstrontzat zijn
heel ergvriét nèg
helemaalgrat
het salonde salong
hooi keren’t oei kieëren
hooienhoeien
hooizolderschelf
hutsepotoesjepot

I

idiootteppen
ijsjekousis
ijskreemijskrèem
informatie vragensollesteren
ingewandenbeulingen
inkomachterlijs

J

Jacques le Bel-appelsjakrebels
jagerjoager
jasmijnzjozemienen
Jefkesperenjifkespèeren
jeneverkedruppelke
juffrouwiffra

K

kaaskoas
kachelstoof
kalfmutten
kalverstalmuttekestaul
karkerre
karnemelkpapkeiremelkpap
katerkoater
katinkatinne
kermiskèrmis
kersenboomkezzeléjers
kerstmiskèstdag
kettingkete
keukenschotelhuis
kikkerpuit
kindkiendj
kipoenjer
kipkieken
kittenkattejonk
klaprozenkollebloemen
klerenkliér'n
klompklopper
knoeienbrosselen
knotwilgkopbuuëm
koestalkoeiestaul
koetskoesj
koffietaszjat
kogellagerrollement
kommetjetesjtjen
koningkeuning
koordkuurde
kopenkuèpen
kopvleesoesjvlek
kribbekrebbe
kriekenboomkriekeléjers
kruisbessenstekelbezen
kruiwagenkrowoagen
kuilkoaljer

L

langwerpig kussenmutten
leeuwerikkujrlawijt
Lelietjes van dalenmeiklokskes
liefmokke
lijnrechterlinjekensmaen
lijnzaadlijzoad
lindeboomlienjebuuëm
loogluèg
lookworstlueksessiesj
luistereneurken

M

maaidorserpikdusjcher
maalderijmoillerei
maaltafelsmoaltoafels
maandagmonjdag
maïssponjsge teiref
makenmoaken
malenmoalen
Malonne-natuursteenmalong
manmaenemensj
meelopenmeeluèpen
meestermiester
meikeverronkort
meikevermoiljer
mengenmingelen
merelmeireloan
mesthoopmessing
metermetj'en
metselaarmesjer
metselenmèsjen
misdienaarkeisendopper
moddermoor
modderklontkluit
moedermoijer
molenmeuln
morgenmèr'n
motorfietsnen brommer
mugmoge
mutsmoesj

N

naastnevest
nadenkenpeizen
namiddagachternoen
narcissenpoasbloemen
nertsvison
nochtanspertank
notenboomnoteléjer

O

olieolijie
ommegangommegangk
onbeleefdonbeschoft
onnozelaargij kieken
oogueg
oogstappeluuestappel
oogstenden uuest afdoen
opeenzettenplaceren
opvegenopvèigen
ovenschoteltesjtjen

P

paardpèdj
paardenbloemenpiesbloemen
paardenslaméeschesallowej
pastoorpaster
pauwpaoe
perenbomenpéjereléjers
peterpètj'n
peterseliepietersjiele
pierteirlink
pijpuitjespipkesajuin
plaatsploasj
plagenkoeonèren
plankberre
plankjeberreken
plankskeberreken
portiepoosje
postmeesterespostmistès
potenpuèt'nj
preiparei
prikkeldraadpinnekesdroad
prinsessenbonenprinsjesjn
pruikparuk
pruimenboompruimeléjers

R

raamveister
rabarberrabalber
ramenveisters
rapenroupen
rauwe hesprau hesp
reflectorkatueg
regenrègen
regen en zonneschijnkermis in d'elle
regenenréjegenn
regenwaterputréjegenput
reukerwtenreukeirtn
rijwegboan
ringrink
rode kolenruue kuueln
rolluikenafrolders
rommelannekesnest
rookruèk
rotvues
rozenruuëzen
ruienruiven

S

salamanderertisje
savooiensavoeien
schakellueze moilje
schaliënskoljn
scheidsrechterarbiter
schommelbèise
schoolmeesteresschoolmistès
schoorsteenschaupijp
schorsenerenschrosneeln
schortveusguet
schortveusschuut
schouderschour
schuddenkloesjen
schuifafafrijzer
siertuinbloemenof
sinaasappelappelsien
slasallowej
slasaloij
slaapkamersloupkoumer
slaapkamersloapkoamer
sleutelsneutel
smakelijkloatent a smoaken
smeerlapsmèerlap
smerensmèren
smitsmèt
smitsesmèsj
sneeuwsnieë
sneeuwensniejen
sneeuwklokjessnieëklokskes
snijbonensnijbuujenn
snijdensnèin
soesjesjoeke
speculoosspiekeloosjekoek
spinaziespienozje
spleetjegerreken
spruitenspruitn
staartstèertj
stalstaul
stationstoasje
steelpansteelpenne
steenslagbrikaljong
stofjaskiel
stoofvleesstoverij
straksfleus
straksfleus tusch
struikbonenullekesbuujenn
stucwerkplekkerij
studerenblokken
stukadoorplekker
sukkelachtige vrouwsluuere

T

tabaktoebak
tententoonstellingexposisje
thuisthont
toiletfetrek
toilet't gemak
tomatentamatten
touwzeel
treuzelendesjteren
trippentrippen
truigelé
tuinlochting
tweedetwiede
tweedehandsakkozje

U

uitschuddenuitschoien
urinezjeik
urinerenzjeik'n
uurwerkorluge

V

vaarsvèis
vaarsmunte
vanzelfsprekendvaneigenst
varkenveirken
varkensblaasveirkesbloas
varkenskoteletkabernein
varkensvleesveirkenvliès
vechtenbatteren
veeartsvitrenèir
vegenvèigen
venstervèster
vensterluikblaffeturen
verbrandenverbrann
verdachtloesj
verduisterendimsteren
vergietstermein
verkleedverkliedj
verknoeiedvermassacreerd
verkwistenvermueschen
verkwistenmueschen
vermoeidmoej
veronachtzamenverningelenzjeren
verpleegpostinfirmerie
verpleegsterinfirmjèr
verschrikkelijkschrikkelijk
versnellingenverzet
versnellingenderailleur
versnellingenvitessen
verwaarlozenverningelenzjeren
viooltjesviooln
vleermuisfloremuis
vleugelvleurink
vlindervliegewoater
vogelzadenplatte en ronne mielje
vooraanvaveuren
voormiddag't firnoensj
vorkfirket
vrijdagvrijdag
vrouwvroumensj
vrouwenvrouwvolk

W

wafelwoafel
wanmolenwanmeulen
warboelannekesnest
warmwèirm
waterketelmuuer
watermolenwoatermeuln
wegeltjebontjn
weidemèesch
weidemeijs
werktuigaloam
windmolenwindjmeuln
winterwiént'r
witloofwutluuef
witte kolenwutte kuueln
woensdaggoensjdag
worstensissiesjen
wortelenwuttelen

Z

zaadzoad
zaaienzoajn
zaaimachinezoajmachien
zagenzoagen
zaterdagzoaterdag
zavelzouvel
zeker niettendoetendoet
zekeringplong
zeugzog
zeveraarzeeverreir
zich schamena generen
zoethoutkalishenhout
zolderupperste
zondagzondag
zonder afspraakop den busj
zurkelzurink
zwartzwert

1 opmerkingen

  1. Typisch voor de Denderstreek is mouillering (niesklanken) waardoor bepaalde medeklinkers met een eind-j worden uitgesproken.