Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 66 dialectwoorden voor `vest`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : bult (55x) : Vishengel (27x) : oude man (40x) : knutselen (31x) : suikerbiet (25x) : veldmuis (25x) : wol (38x) : jammer (63x) : bosbes (27x) : gans (52x)



50 vertalingen voor het Nederlandse woord `vest`

  1. vest = wames (Weerts)
  2. vest = zip (herenthouts)
  3. vest = kammezoal (o.) (Eys)
  4. vest = frak (Zottegems)
  5. vest = frak (Mechels (BE))
  6. vest = frak (Ninoofs)
  7. vest = frak (Harelbeeks)
  8. vest = kammezaol (Geuls)
  9. vest = kazake (Zottegems)
  10. vest = kazakke (Brakels)
  11. vest = ves (Venloos)
  12. vest = vestong (Moes)
  13. vest = kammezaol (Geuls)
  14. vest = veste (Avelgems)
  15. vest = veste (Zeeuws)
  16. vest = gjelee (Londerzeels)
  17. Vest = Kammezäölke (Mestreechs)
  18. vest = kammezeul (leuvens)
  19. vest = zippeke (Booms)
  20. vest = vès, sjtüb (Heerlens)
  21. vest = zip (Niels)
  22. vest = frak (Berchems)
  23. vest = zip (Westels)
  24. vest = zip (Duffels)
  25. VEST = ZJILEE (Mols)
  26. vest = zjilee (Evergems)
  27. vest = kwak (Bilzers)
  28. vest = kammezoul (Haasrode)
  29. vest = sjielie (Mestreechs)
  30. Vest = Gilee (Zelzaats)
  31. vest = zip (Heist-op-den-Berg)
  32. vest = zip (Berlaars)
  33. vest = kammezol (Munsterbilzen - Minsters)
  34. Vest = Zip, kammezole (Aarschots)
  35. vest = imtrok (Baasrode)
  36. vest = zip (Hulshouts)
  37. vest = frak (Aalsters)
  38. vest = frak (Leeds)
  39. vest = kammezool (Zichems)
  40. vest = zip (Bonheidens)
  41. vest = frak (Meers)
  42. vest = ne golf (Hoogstraats)
  43. vest = vestong (Ninoofs)
  44. vest = wisz (Bocholtz)
  45. vest = kamazoal (Bocholtz)
  46. vest = zip (Wiekevorsts)
  47. vest = gollef (Vlijtingens)
  48. vest = zip (Geels)
  49. vest = zjip (Nieuwerkerks)
  50. vest = kamezool (Schunnebroecks)


7 vertalingen voor het dialectwoord `vest`

  1. vest = onderbroek (drents)
  2. vêst = vast (Fries)
  3. vest = alvast (Genneps)
  4. vest = zojuist (Venrays)
  5. vést = vorst (Lebbeeks)
  6. vest = jas (leuvens)
  7. vest = jas (Leefdaals)