Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 30 dialectwoorden voor `weet`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : januari (43x) : Pan (21x) : Vuil (107x) : kraan (28x) : Zeur (25x) : nieuwjaar (69x) : nieuws (62x) : hun (78x) : nieuwsgierig (55x) : viool (22x)



31 vertalingen voor het Nederlandse woord `weet`

  1. weet = (Niemand die dé wit, . ) of (witte gij dé?) (Bosch)
  2. weet = weit (Aalsters)
  3. weet = weit (Venloos)
  4. weet = wèt (Nijmeegs)
  5. weet = wete (Westfries)
  6. weet = wets (Blericks)
  7. weet = wiet (Urkers)
  8. weet = wiët (Bilzers)
  9. weet = wieët (Budels)
  10. weet = wit (Mestreechs)
  11. weet = wit (Woensels)
  12. weet = wit (Brabants)
  13. weet = wit (Tilburgs)
  14. weet = wit (Nieuw-vossemeers)
  15. weet = wit (Opheusdens)
  16. weet = wit (Helmonds)
  17. weet = witte (Zunderts)
  18. weet = witte (Prinsenbeeks)
  19. weet = wit (Lopiks)
  20. weet = wits (Kerkraads)
  21. weet = wit (Betuws)
  22. weet = wit (Culemborgs)
  23. weet = wet (Lòns)
  24. weet = wit (Maas en waals)
  25. weet = keubeke (Mestreechs)
  26. weet = wit (Wijchens)
  27. weet = wet (Sallands)
  28. weet = wit (Eersels)
  29. Weet = Wet (Hoogeveens)
  30. weet = wit (Utrechts)
  31. weet = weit (zn) weitje (Heitsers)


3 vertalingen voor het dialectwoord `weet`

  1. wèèt = wijd (Gils)
  2. weet = verstand, wetenschap (Tilburgs)
  3. weet = verdriet (Tilburgs)