Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 43 dialectwoorden voor `verlegen`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : handtas (123x) : portie (37x) : stout (31x) : vijftig (45x) : rug (92x) : stuiver (23x) : fles (65x) : seffens (47x) : erwtensoep (42x) : Haag (77x)



46 vertalingen voor het Nederlandse woord `verlegen`

  1. verlegen = vërlêge, bleu (Hoeselts)
  2. verlegen = beschimmeld, blooi (Huizers)
  3. verlegen = beschomt / scha (Aalsters)
  4. verlegen = besjaemp (Geuls)
  5. verlegen = besjèèmp (Lanakens)
  6. verlegen = bleuj (Achterhoeks)
  7. verlegen = konfuus (Gronings)
  8. verlegen = schieterg (Gronings)
  9. verlegen = uuj (Horster)
  10. verlegen = schouw (Neerpelts)
  11. verlegen = verleige (Neerpelts)
  12. Verlegen = Bleu (Gelaens (Geleens))
  13. verlegen = blüe (Simpelveld)
  14. verlegen = bluë (Heerlens)
  15. verlegen = bleu (drents)
  16. verlegen = verlaege (venrays)
  17. verlegen = besjeump (Tongers)
  18. verlegen = skauw (Schijndels)
  19. verlegen = shietrig (Gronings)
  20. verlegen = besjümp (Bilzers)
  21. verlegen = bechompt (Bornems)
  22. verlegen = geneire (Opglabbeeks)
  23. verlegen = blüe (Kerkraads)
  24. verlegen = gezjenieërd (Munsterbilzen - Minsters)
  25. verlegen = schauw (Hoogstraats)
  26. verlegen = schouw (Steenbergs)
  27. verlegen = eelsk (Westerkwartiers)
  28. verlegen = verlaege / bluë / besjaemp (Steins)
  29. verlegen = schreukel, van veern (Doornspijks)
  30. Verlegen = Bleuj (Zevenbergs)
  31. verlegen = prut (Tilburgs)
  32. verlegen = Bleuj (geen specifiek Wolluks) (Waalwijks)
  33. verlegen = bluue (Tegels)
  34. Verlegen = Bleuj - euj (Liemers)
  35. verlegen = verléöge (Stals)
  36. Verlegen = Beschomt (Onze-Lieve-Vrouw-Waver)
  37. verlegen = blüe, verlège (nijswillers)
  38. verlegen = beschomt (Mechels (BE))
  39. verlegen = zun tong vergete (Gastels)
  40. verlegen = schieloewes (Heist-op-den-Berg)
  41. verlegen = bleu (Hulsbergs)
  42. verlegen = skäj (Lenniks)
  43. Verlegen = Verlaege (Mechels (NL))
  44. Verlegen = Schtig (Giethoorns)
  45. verlegen = vulaeg'n (Aaltens)
  46. verlegen = verlaege (bn) (Heitsers)