Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 35 dialectwoorden voor `treiteren`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : vaart (21x) : gevoel (25x) : hiel (57x) : meer (57x) : lawaai maken (24x) : genoeg (72x) : terwijl (70x) : tak (24x) : grote knikker (27x) : poep (23x)



38 vertalingen voor het Nederlandse woord `treiteren`

  1. treiteren = temteern (West-Vlaams)
  2. treiteren = temteren (Hams)
  3. treiteren = tings'n (Eekloos)
  4. treiteren = trenseneere (Weerts)
  5. treiteren = greîtn, treîtern, treîtn (Kortemarks)
  6. treiteren = koeieneren (Westfries)
  7. treiteren = koejeneere (Geuls)
  8. treiteren = netse (Horster)
  9. treiteren = tingsten (West-Vlaams)
  10. treiteren = traetere; koejjonniëre (Bilzers)
  11. treiteren = treiten (Giesbaargs)
  12. treiteren = treiter'n (Westerkwartiers)
  13. treiteren = drieghaaln (Twents)
  14. treiteren = koejoneire (Hals)
  15. treiteren = judasse (Bilzers)
  16. treiteren = kreë (Hulshouts)
  17. treiteren = that authaole (Munsterbilzen - Minsters)
  18. treiteren = narre (Zwartebroeks)
  19. treiteren = tijgeren (Hams)
  20. Treiteren = Koejeneere (Zevenbergs)
  21. treiteren = faradzjieë (Munsterbilzen - Minsters)
  22. treiteren = jaanessen (herenthouts)
  23. treiteren = koejonneren (herenthouts)
  24. treiteren = neegerun (Lunters)
  25. treiteren = steeke (Munsterbilzen - Minsters)
  26. treiteren = trèit' n (Lebbeeks)
  27. treiteren = transëniëre (Munsterbilzen - Minsters)
  28. Treiteren = Judasse (Liemers)
  29. treiteren = krete (Munsterbilzen - Minsters)
  30. treiteren = judassë (Munsterbilzen - Minsters)
  31. treiteren = traetëre (Mechels (BE))
  32. treiteren = koeionneren (Bevers)
  33. treiteren = trèètere: trèèter, trèèters, trèètert, trèèterde, getrèèterd (Genker)
  34. treiteren = tridderen (Kaprijks)
  35. treiteren = faradzië (Munsterbilzen - Minsters)
  36. treiteren = temteren (Bevers)
  37. treiteren = koejënjèrrë (Millers)
  38. treiteren = misselike (ww) vervelen, misselikdje, transeneerdje - gemisseliktj, getranseneerdj (Heitsers)


4 vertalingen voor het dialectwoord `treiteren`

  1. treiteren = plagen (Geels)
  2. treiteren = pesten (Sint-Niklaas)
  3. treiteren = tergen / plagen (Zottegems)
  4. treiteren = vervelend doen (Spakenburgs)