Werkwoord vervoegen

Typ een werkwoord in één van de talen NL, DE, EN, ES of FR.

Vervoeg

NL: behoeven

U: Vervoeg zoals `jij`. Men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`.

Voltooid deelwoord
behoefd

Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
ik behoef
jij behoeft
hij behoeft
wij behoeven
jullie behoeven
zij behoeven

Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
ik heb behoefd
jij hebt behoefd
hij heeft behoefd
wij hebben behoefd
jullie hebben behoefd
zij hebben behoefd

Onvoltooid verleden tijd (ovt)
ik behoefde
jij behoefde
hij behoefde
wij behoefden
jullie behoefden
zij behoefden

Voltooid verleden tijd (vvt)
ik had behoefd
jij had behoefd
hij had behoefd
wij hadden behoefd
jullie hadden behoefd
zij hadden behoefd

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
ik zal behoeven
jij zult behoeven
hij zal behoeven
wij zullen behoeven
jullie zullen behoeven
zij zullen behoeven

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
ik zal behoefd hebben
jij zult behoefd hebben
hij zal behoefd hebben
wij zullen behoefd hebben
jullie zullen behoefd hebben
zij zullen behoefd hebben

Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
ik zou behoeven
jij zou behoeven
hij zou behoeven
wij zouden behoeven
jullie zouden behoeven
zij zouden behoeven

Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
ik zou behoefd hebben
jij zou behoefd hebben
hij zou behoefd hebben
wij zouden behoefd hebben
jullie zouden behoefd hebben
zij zouden behoefd hebben

Gebiedende wijs
behoef

Aanvoegende wijs
behoeve

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden


Duitse werkwoorden


Engelse werkwoorden


Franse werkwoorden


Spaanse werkwoorden