Werkwoord vervoegen

Typ een werkwoord in één van de talen NL, DE, EN, ES of FR.

Vervoeg

Synoniemen: bederven, troetelen, vergasten, vertroetelen, koesteren

DE: verwennen (vertroetelen): verwöhnen
EN: verwennen (vertroetelen): pamper, spoil
ES: verwennen (vertroetelen): consentir, mimar, malcriar, corromper
FR: verwennen (vertroetelen): dorloter, gâter


NL: verwennen

U: Vervoeg zoals `jij`. Men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`.

Voltooid deelwoord
verwend

Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
ik verwen
jij verwent
hij verwent
wij verwennen
jullie verwennen
zij verwennen

Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
ik heb verwend
jij hebt verwend
hij heeft verwend
wij hebben verwend
jullie hebben verwend
zij hebben verwend

Onvoltooid verleden tijd (ovt)
ik verwende
jij verwende
hij verwende
wij verwenden
jullie verwenden
zij verwenden

Voltooid verleden tijd (vvt)
ik had verwend
jij had verwend
hij had verwend
wij hadden verwend
jullie hadden verwend
zij hadden verwend

Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
ik zal verwennen
jij zult verwennen
hij zal verwennen
wij zullen verwennen
jullie zullen verwennen
zij zullen verwennen

Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
ik zal verwend hebben
jij zult verwend hebben
hij zal verwend hebben
wij zullen verwend hebben
jullie zullen verwend hebben
zij zullen verwend hebben

Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
ik zou verwennen
jij zou verwennen
hij zou verwennen
wij zouden verwennen
jullie zouden verwennen
zij zouden verwennen

Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
ik zou verwend hebben
jij zou verwend hebben
hij zou verwend hebben
wij zouden verwend hebben
jullie zouden verwend hebben
zij zouden verwend hebben

Gebiedende wijs
verwen


Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden


Duitse werkwoorden


Engelse werkwoorden


Franse werkwoorden


Spaanse werkwoorden