Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

oriënteren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: oriënteren
DE: orientieren, sich zurechtfinden
FR: orienter, s'orienter

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
georiënteerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik oriënteer
jij oriënteert
hij oriënteert
wij oriënteren
jullie oriënteren
zij oriënteren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb georiënteerd
jij hebt georiënteerd
hij heeft georiënteerd
wij hebben georiënteerd
jullie hebben georiënteerd
zij hebben georiënteerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik oriënteerde
jij oriënteerde
hij oriënteerde
wij oriënteerden
jullie oriënteerden
zij oriënteerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had georiënteerd
jij had georiënteerd
hij had georiënteerd
wij hadden georiënteerd
jullie hadden georiënteerd
zij hadden georiënteerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal oriënteren
jij zult oriënteren
hij zal oriënteren
wij zullen oriënteren
jullie zullen oriënteren
zij zullen oriënteren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal georiënteerd hebben
jij zult georiënteerd hebben
hij zal georiënteerd hebben
wij zullen georiënteerd hebben
jullie zullen georiënteerd hebben
zij zullen georiënteerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou oriënteren
jij zou oriënteren
hij zou oriënteren
wij zouden oriënteren
jullie zouden oriënteren
zij zouden oriënteren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou georiënteerd hebben
jij zou georiënteerd hebben
hij zou georiënteerd hebben
wij zouden georiënteerd hebben
jullie zouden georiënteerd hebben
zij zouden georiënteerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
oriënteer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/oriënteren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English