NL: klussenSynoniemen: klus
DE: schwarzarbeiten, kleinere Arbeiten erledigen
EN: do odd jobs
ES: trabajar en el circuito negro, trapichear
FR: bricoler
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
geklust
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik klus jij klust hij klust wij klussen jullie klussen zij klussen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb geklust jij hebt geklust hij heeft geklust wij hebben geklust jullie hebben geklust zij hebben geklust
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik kluste jij kluste hij kluste wij klusten jullie klusten zij klusten
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had geklust jij had geklust hij had geklust wij hadden geklust jullie hadden geklust zij hadden geklust
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal klussen jij zult klussen hij zal klussen wij zullen klussen jullie zullen klussen zij zullen klussen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal geklust hebben jij zult geklust hebben hij zal geklust hebben wij zullen geklust hebben jullie zullen geklust hebben zij zullen geklust hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou klussen jij zou klussen hij zou klussen wij zouden klussen jullie zouden klussen zij zouden klussen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou geklust hebben jij zou geklust hebben hij zou geklust hebben wij zouden geklust hebben jullie zouden geklust hebben zij zouden geklust hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
klus
|