NL: fotograferenSynoniemen: kieken
DE: photographieren
EN: photograph, take a photograph
ES: sacar fotos, fotografiar
FR: photographier, prendre des photos
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gefotografeerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik fotografeer jij fotografeert hij fotografeert wij fotograferen jullie fotograferen zij fotograferen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gefotografeerd jij hebt gefotografeerd hij heeft gefotografeerd wij hebben gefotografeerd jullie hebben gefotografeerd zij hebben gefotografeerd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik fotografeerde jij fotografeerde hij fotografeerde wij fotografeerden jullie fotografeerden zij fotografeerden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gefotografeerd jij had gefotografeerd hij had gefotografeerd wij hadden gefotografeerd jullie hadden gefotografeerd zij hadden gefotografeerd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal fotograferen jij zult fotograferen hij zal fotograferen wij zullen fotograferen jullie zullen fotograferen zij zullen fotograferen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gefotografeerd hebben jij zult gefotografeerd hebben hij zal gefotografeerd hebben wij zullen gefotografeerd hebben jullie zullen gefotografeerd hebben zij zullen gefotografeerd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou fotograferen jij zou fotograferen hij zou fotograferen wij zouden fotograferen jullie zouden fotograferen zij zouden fotograferen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gefotografeerd hebben jij zou gefotografeerd hebben hij zou gefotografeerd hebben wij zouden gefotografeerd hebben jullie zouden gefotografeerd hebben zij zouden gefotografeerd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
fotografeer
|