Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 28 dialectwoorden voor `overdrijven`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : aardappel (262x) : herrie (21x) : libel (25x) : deksel (91x) : gevangenis (107x) : lucifers (81x) : haak (35x) : speelgoed (31x) : taart (103x) : scheren (35x)



36 vertalingen voor het Nederlandse woord `overdrijven`

  1. overdrijven = aonjaoge (Bilzers)
  2. overdrijven = euverdriêve (Venloos)
  3. overdrijven = overdriev'm (Westerkwartiers)
  4. overdrijven = schèp bij doen (Brakels)
  5. overdrijven = zwamme (Boekels)
  6. overdrijven = zwetse (Riekevorts)
  7. overdrijven = die komt van Grôte Broek (Westfries)
  8. overdrijven = deureslaon (kortemarks)
  9. overdrijven = euverdrieve (Kinroois)
  10. overdrijven = euver de sjräöm goon (Mestreechs)
  11. overdrijven = mee spek schieten (Melseels)
  12. overdrijven = dûrdraove (Bilzers)
  13. overdrijven = e sjüpke trop doen (Munsterbilzen - Minsters)
  14. overdrijven = oerdriuwe (Fries)
  15. overdrijven = vanne sjiet ne stürm maoke (Munsterbilzen - Minsters)
  16. overdrijven = mèt zen kloempe ter dür loope (Munsterbilzen - Minsters)
  17. overdrijven = dürdramme (Munsterbilzen - Minsters)
  18. Overdrijven = aonjaogen (diepenbeeks)
  19. overdrijven = begaje (Neerharens)
  20. overdrijven = aonjoagè (Diepenbeeks)
  21. overdrijven = anzettn, overdrievn (Doornspijks)
  22. overdrijven = ansloan (Doornspijks)
  23. overdrijven = ovverdriêve (Sin tunnis)
  24. overdrijven = oaverdriêve (Sin tunnis)
  25. Overdrijven = Menteneere (Zevenbergs)
  26. Overdrijven = Auferdreife (Amsterdams)
  27. overdrijven = er' n schup bij doen (Brakels (gld))
  28. overdrijven = snoeven (Zaans)
  29. overdrijven = deurtrappen (Hulsters (NL))
  30. overdrijven = mè spek schiete of soems mè hiejel veirekes (Nijlens)
  31. Overdrijven = Deutrappe (Onze-Lieve-Vrouw-Waver)
  32. Overdrijven = Oaverdrieven (Hoogeveens)
  33. overdrijven = joelen (Oldebroeks)
  34. overdrijven = aoverdriev’n (Aaltens)
  35. overdrijven = a äöverdrieve (ww) äöverdraef - äöverdraeve (Heitsers)
  36. overdrijven = a äöverdrieve (ww) draef äöver - äövergedraeve (Heitsers)