Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 21 dialectwoorden voor `breken`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : tuinslang (27x) : Kerkhof (27x) : jammeren (31x) : tak (24x) : buikloop (30x) : ruilen (70x) : blijven (52x) : stelen (145x) : rolluiken (42x) : biet (55x)



25 vertalingen voor het Nederlandse woord `breken`

  1. breken = braake: het breken, het stuk maken van voorwerpen, bv. Je go' braak' (h) èn o' je zoveele gloazn in e keeë no' de kasse wilt doeën (Klemskerks)
  2. breken = braeke (Bilzers)
  3. breken = braeke (Venloos)
  4. breken = break' n (Achterhoeks)
  5. breken = breek'n (Westerkwartiers)
  6. breken = brèke (Riekevorts)
  7. breken = bréke (Budels)
  8. breken = braeken (Sevenums)
  9. breken = breukedoen (Kortemarks)
  10. breken = breaken (Horster)
  11. breken = brekke (Fries)
  12. breken = brekken (Sallands)
  13. breken = breeke, (vt brôok) (Tilburgs)
  14. breken = brekke (Waalwijks)
  15. breken = bréöke (Stals)
  16. breken = stukmoak'n (Westerkwartiers)
  17. breken = brèëke (nijswillers)
  18. breken = brèku (Brakels (gld))
  19. Breken = Braeke (Liemers)
  20. breken = brèèke brèèk, briks, brikt broek gebroeëke. (Genker)
  21. breken = braeke (Hamonter)
  22. breken = braeken (Aaltens)
  23. breken = braèke (Berg en Terblijts)
  24. breken = braeke (ww) braok - gebraoke (Heitsers)
  25. breken = braeke (Tegels)