Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 20 dialectwoorden voor `helpen`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : Dicht (25x) : bil (30x) : gang (40x) : dubbel (30x) : tabak (65x) : harken (67x) : klein persoon (24x) : gewoonte (29x) : heen en weer (33x) : drop (54x)



25 vertalingen voor het Nederlandse woord `helpen`

  1. helpen = elpen (Giesbaargs)
  2. helpen = ellepe (Bergs)
  3. helpen = elp'n (Harelbeeks)
  4. helpen = êlpen (Ostêns)
  5. helpen = help' n (Westerkwartiers)
  6. helpen = hêlpe (Bilzers)
  7. helpen = helpe (Venloos)
  8. helpen = ellepe (Bergs)
  9. helpen = eullepe (Antwerps)
  10. helpen = héllepe (Budels)
  11. helpen = en hendsje bijstaute (Bilzers)
  12. helpen = helpe (Fries)
  13. helpen = haèlpe (Kanners)
  14. helpen = hàèlepe (Kanners)
  15. helpen = afdoewn (Luyksgestels)
  16. helpen = hèllepe, (vt hielp, gehollepe) (Tilburgs)
  17. helpen = zen haan autstaeke (Munsterbilzen - Minsters)
  18. Helpen = Eullepe (Onze-Lieve-Vrouw-Waver)
  19. Helpen = Hulpen (Hoogeveens)
  20. Helpen = Hêlllep'n (Hierdens)
  21. helpen = helpe: help, hèlps, hèlpt; holp; geholpe (Genker)
  22. helpen = epm, 'eptege of ielp, gòpm (Oudenaards)
  23. helpen = hellepe (Bleiswijks)
  24. helpen = helpe (ww) holp - geholpe (Heitsers)
  25. helpen = hellepe (Meerssens)