Vind een (dialect)woord

Toon woorden

Op de kaart

Op deze kaart staan 24 dialectwoorden voor `zich haasten`. Zoom in of verschuif de map om ze beter te zien. Klik op een woord om de naam van het dialect te zien.
Hier zijn 10 willekeurige andere dialectwoorden : lomperik (55x) : aarzelen (37x) : cowboy (27x) : beschuit (56x) : Hij is overleden (44x) : bakker (60x) : kou (27x) : vleugel (28x) : vulpen (25x) : hoi (49x)



24 vertalingen voor het Nederlandse woord `zich haasten`

  1. zich haasten = zich osten (Sint-Niklaas)
  2. zich haasten = gedn (Evergems)
  3. zich haasten = schoffeln, spoetern, weîrn (Kortemarks)
  4. zich haasten = zich spoje (Venloos)
  5. zich haasten = buizze geven (Moes)
  6. zich haasten = sjette gevn (West-Vlaams)
  7. zich haasten = ankurten (Hansbeeks)
  8. zich haasten = a spoeien (Buggenhouts)
  9. zich haasten = hem spoeien, osta (Buggenhouts)
  10. zich haasten = eweige spuje / de biejene oonder a gat loewepe (Geels)
  11. zich haasten = aa osten (Moorsel)
  12. Zich haasten = Zich sjpoje (Gelaens (Geleens))
  13. zich haasten = slunse geven (Ledegems, Kappels)
  14. zich haasten = schoffeln (Izegems)
  15. zich haasten = zën eege spoeje (Munsterbilzen - Minsters)
  16. zich haasten = skoffel'n (Wevelgems)
  17. zich haasten = aveseren (Bevers)
  18. zich haasten = zen eige spoeïen (Hamonter)
  19. zich haasten = èm osten (Meers)
  20. zich haasten = sich sjpauwe (Sjeeter plat)
  21. zich haasten = zich sjpauwe (Sjeeter plat)
  22. zich haasten = jalle (Munsterbilzen - Minsters)
  23. zich haasten = poahe (Zeeuws)
  24. zich haasten = pelong geven (Lebbeeks)