Vertaal
Naar andere talen: • couler > DEcouler > ENcouler > ES
Definities in het Frans: Couler (7x)
Vertalingen couler FR>NL
[kule]

1 se déplacer, pour un liquide - stromen

  'faire couler de l'eau'
  water laten lopen


2 laisser partir un liquide - lekken

  'Le robinet coule.'
  De kraan lekt.

  'avoir le nez qui coule'
  een loopneus hebben


3 ne pas pouvoir rester au-dessus de l'eau - zinken

  'Le bateau a coulé.'
  De boot is gezonken.
[kule]


1 mettre sous l'eau - tot zinken brengen

  'couler un bateau'
  een boot tot zinken brengen


2 faire disparaître - ruïneren

  'couler une entreprise'
  een bedrijf ruïneren


3 mettre un liquide dans un moule - (over)gieten

  'couler du béton'
  beton storten

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
couler (ww.) lopen (ww.) ; stromen (ww.) ; vloeien (ww.) ; vervallen (ww.) ; aftakelen (ww.) ; afzakken (ww.) ; afglijden (ww.) ; wegglijden (ww.) ; wegzinken (ww.) ; inzinken (ww.) ; vluchten (ww.) ; wegvluchten (ww.) ; vlieden (ww.) ; ondergaan (ww.) ; onder water gaan (ww.) ; gutsen (ww.) ; gulpen (ww.) ; in stromen neerstorten (ww.) ; in stralen lopen (ww.) ; kelderen (ww.) ; druppelen (ww.) ; druipen (ww.) ; sijpelen (ww.) ; droppen (ww.) ; afdruipen (ww.) ; druppen (ww.) ; uitdruppelen (ww.) ; druppels laten vallen (ww.) ; afvoeren (ww.) ; doen wegvloeien (ww.) ; verzinken (ww.) ; galvaniseren (ww.) ; afvloeien (ww.) ; wegstromen (ww.) ; weglekken (ww.) ; zinken (ww.) ; wegvloeien (ww.)
couler ondergaan ; gieten ; ten onder gaan ; kapseizen ; zinken
Bronnen: interglot; Europakinderhulp; Download IATE, European Union, 2017.; ICT-Woordenboek; Trueterm

Voorbeeldzinnen met `couler`
Voorbeeldzinnen laden....


Synoniemen
FR: chavirer
FR: déborder
FR: dégouliner
FR: distiller
FR: écouler
FR: égoutter
FR: engloutir
FR: épancher
FR: filtrer
FR: fondre

Uitdrukkingen en gezegdes
FR: couler de source NL: van een leien dakje gaan
FR: couler sur qc. NL: ergens overheen glijden
FR: des vers qui coulent bien NL: vloeiende verzen
FR: ce tonneau coule NL: dit vat lekt
FR: son nez coule NL: zijn neus lekt
FR: la chandelle coule NL: de kaars druipt
FR: couler une statue NL: een standbeeld gieten
FR: se la couler douce NL: een gemakkelijk leventje leiden
FR: couler un billet dans la main de quelqu'un. NL: iemand een briefje in de hand stoppen, laten glijden
FR: couler à  l'oreille NL: influisteren
FR: couler une pièce de théâtre NL: een toneelstuk doen vallen

Download de Android App
Download de IOS App