Vertaal
Naar andere talen: • zwingen > ENzwingen > ESzwingen > FR
Definities in het Duits: Zwingen (3x)
Vertalingen zwingen DE>NL

zwingen

werkw.
Uitspraak:  [ˈʦvɪŋən]

1) jemanden durch Drohungen oder Gewalt dazu bringen, etw. zu tun - dwingen
Du kannst mich nicht dazu zwingen, dir zu helfen! - Je kunt mij er niet toe dwingen om je te helpen!
Die Kinder wurden zum Mitfahren gezwungen. - De kinderen werden gedwongen om mee te rijden.

2) etw. Bestimmtes nötig machen - dwingen
Der Sturm zwang uns zur Umkehr. - De storm dwong ons om te keren.
Ich habe zwingende Gründe dafür. - Ik heb dringende redenen daarvoor.
uitdrukking sich zu etw. gezwungen sehen

3) etw. tun, was man eigentlich nicht will - dwingen
Sie zwang sich, ein paar Bissen zu essen. - Zij dwong zich een paar happen te eten.

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
zwingen (ww.) dwingen (ww.) ; dwingen te doen (ww.) ; noodzaken (ww.) ; nopen (ww.) ; door iets genoodzaakt worden (ww.)
zwingen verplichten
Bron: interglot

Voorbeeldzinnen met `zwingen`
Voorbeeldzinnen laden....


Synoniemen
DE: auferlegen
DE: aufzwingen
DE: erpressen
DE: erzwingen
DE: forcieren
DE: pressen
DE: verpflichten zu

Uitdrukkingen en gezegdes
DE: etwas zwingen NL: iets onder de knie krijgen

Download de Android App
Download de IOS App