Vertaal
Naar andere talen: • Essen > ENEssen > ESEssen > FR
Definities in het Duits: Essen (9x)
Vertalingen Essen DE>NL

essen

werkw.
Uitspraak:  ɛsən]

1) zu sich nehmen - eten
Sie isst kein Fleisch. - Zij eet geen vlees.
Wollen wir Pizza essen gehen? - Zullen we pizza gaan eten?
In diesem Restaurant isst man gut. - In dit restaurant kun je goed eten.
Wit essen lieber abends warm. - Wij eten 's avonds liever warm.

2) deel van de uitdrukking:
uitdrukking jemanden / sich / etw. irgendwie essen

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
essen (ww.) gebruiken (ww.) ; nuttigen (ww.) ; opeten (ww.) ; consumeren (ww.) ; verorberen (ww.) ; tot zich nemen (ww.) ; oppeuzelen (ww.) ; vreten (ww.) ; schrokken (ww.) ; tegoed doen (ww.) ; bikken (ww.) ; schransen (ww.) ; bunkeren (ww.) ; naar binnen werken (ww.) ; zitten proppen (ww.) ; dineren (ww.) ; tafelen (ww.) ; uitgebreid eten (ww.) ; schaften (ww.) ; voeden (ww.) ; voedsel geven (ww.) ; lunchen (ww.) ; kluiven (ww.) ; knauwen (ww.) ; leegeten (ww.) ; spijzen (ww.)
das Essenhet Essen ; het eten ; de kost (m) ; de voeding (v) ; de voedsel (m) ; de spijziging (v) ; het diner ; de maaltijd (m) ; de spijs ; de eetwaren ; de proviand (m) ; de brunch (m) ; het maal
Essen Essen
Bronnen: interglot; Download IATE, European Union, 2017.

Voorbeeldzinnen met `Essen`
Voorbeeldzinnen laden....


Synoniemen
DE: speisen
DE: aufessen
DE: Futter
DE: Proviant
DE: Kost
DE: Nahrungsmittel
DE: gebrauchen
DE: schlucken
DE: aufbrauchen
DE: hinunterschlucken



Download de Android App
Download de IOS App