Vertaal
Naar andere talen: • kracht > DE • kracht > ES • kracht > FR
Vertalingen kracht NL>EN

kracht

zelfst.naamw.
Uitspraak:  [krɑxt]
Verbuigingen:  -en (meerv.)

1) eigenschap dat iemand fysiek of mentaal sterk is en daardoor dingen kan doen - force, power, strength
al je krachten inspannen om een zware tafel te verplaatsen - put all strength into moving a heavy table
op eigen kracht een probleem oplossen - solve a problem on your own
uitdrukking in de kracht van je leven
uitdrukking uit je krachten gegroeid zijn

2) effect of invloed (op iets) - force, power, strength
zwaartekracht - gravity force
de kracht van een aardbeving - earthquacke force
een maatregel met terugwerkende kracht invoeren - introduce a retroactive rule
uitdrukking van kracht zijn

3) werknemer - labor force
in het toeristenseizoen extra krachten inhuren - hire extra help during the tourist season

© K Dictionaries Ltd.

Ondersteuning bij redigeren, proeflezen en schrijven in het Engels
Professionele hulp bij Engelstalig schrijven Vraag professionele hulp bij het schrijven van zakelijke, academische of persoonlijke teksten in het Engels door native speakers.

Overige bronnen
de krachtthe fortitude ; the violence ; the vigour ; the vehemence ; the thoroughness ; the strength ; the spunk ; the spirit ; the soul ; the power ; the momentum ; the jenever ; the intensity ; the impetus ; the gin ; the force ; the fierceness ; the fibre ; the fervour ; the energy ; the drive ; the courage ; the capacity ; the authority ; the ability
kracht agency ; power ; magnitude ; force
Bronnen: interglot; Wikipedia; Download IATE, European Union, 2017.


Voorbeeldzinnen met `kracht`
Voorbeeldzinnen laden....


Synoniemen
NL: aandrift
NL: arbeidskracht
NL: capaciteit
NL: daadkracht
NL: druk
NL: dynamiek
NL: energie
NL: esprit
NL: felheid
NL: fiksheid

Alternatieve spelling of gebruik
Let op de verschillende spellingsvarianten in UK- en US-Engels:
UK-spelling: fervour
US-spelling: fervor
Uitdrukkingen en gezegdes
NL: een man van grote kracht EN: a man of great strength
NL: de kracht waarmee hij slaat EN: the force with which he strikes EN: met volle kracht (vooruit), full speed (ahead)
NL: z'n krachten beproeven aan EN: try one's hand at
NL: God geeft kracht naar kruis EN: God tempers the wind to the shorn lamb
NL: al z'n kracht ergens aan geven EN: devote all one's strength (energy) to s.th.
NL: in de kracht van zijn leven EN: in his prime
NL: met kracht verdedigen EN: defend strongly (stoutly)
NL: met alle kracht EN: with all my (his, etc.) strength
NL: op krachten komen EN: recover one's strength
NL: op eigen krachten aangewezen zijn EN: be thrown on one's own resources
NL: op volle kracht werken EN: work at full strength
NL: hij was uit zijn kracht gegroeid EN: he had outgrown his strength
NL: van kracht blijven EN: remain in force
NL: van kracht worden EN: come into force (operation), take effect
NL: van kracht zijn EN: be in force