Vertaal
Naar andere talen: • verarschen > ENverarschen > ESverarschen > FR
Definities in het Duits: verarschen (1x)
Vertalingen verarschen DE>NL
verarschen (ww.) afzetten (ww.) ; bedriegen (ww.) ; oplichten (ww.) ; misleiden (ww.) ; belazeren (ww.) ; bedonderen (ww.) ; besodemieteren (ww.) ; beduvelen (ww.) ; zwendelen (ww.) ; voor de gek houden (ww.) ; foppen (ww.) ; in de maling nemen (ww.) ; te pakken nemen (ww.) ; wegpesten (ww.)
Bron: interglot

Voorbeeldzinnen met `verarschen`
Voorbeeldzinnen laden....


Synoniemen
DE: aufziehen
DE: beschwindeln
DE: eitern
DE: foppen
DE: hereinlegen
DE: neppen
DE: sich eklig benehmen
DE: vergraulen
DE: verladen



Staat je antwoord er niet bij of heb je een vraag waarbij het vertaalwoordenboek geen hulp kan bieden? Vraag het dan op `Vertaalhulp`
Download de Android App
Download de IOS App