Kaatsheuvels

Dialecten > Noord-Brabant > Kaatsheuvels

Kaatsheuvels bevat 96 gezegden, 545 woorden en 3 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers.

PDFLog in

96 gezegden

ach, dat is zo'n zoet programma op de televisieach dè ies zôn zuut programma op de tillevisie.
achter jou, scherm hem afaagte oe, dekke man
Als ik het had gekunnen dan had ik het gedaanakket ha gekanne dan hakket gedoan
Als je het niet meer weet, gebruik dan purschuim en kitas ge ut nie mir wit, dan pur en kit
Als we nou maar eens wisten wat ze wildeEs we nou mar ies wiesse wes ze won
Ben je wel goed bij je hoofd?Hèdde gij ne klap van de meule gekrèège?
Ben maar braaf kleine Herman, daar komt tante Mieke aan.Zè mar zuut klein Helmuske doar komt taante Mieke aon
bevalt het je?heddur goeien aord mee?
Bijt hij als ik hem aai?Bèttie akkem aai?
Boerenleenbank (nu Rabobank) baankske van de Rooy
dat is een blauwe plek, dat voelt gekneusd aandes un blaauw plek, dè vuult voois oan
Dat is een witte boorden typeDes er êne mee kalk in zunne nek
dat is er eentje van de buurmandès er ène van hierneffe
Dat is nou net wat ik wilde hebben, en nu heb ik hetKrèk wè 'k wo en nou hèkkèt
dat is toch hoop ik niet waardes toch nie waor war
de bus van twee uurde buus van twenne
de kinderende kwoi jong
de kinderen waren toch aan het hoestende kènder lièpen toch te blaffe
Doe eens niet zo flauwDoe ies nie zo kiêm
doe eens rustig aandoede gij ies ruustig aon
Door de regen lopendeur de rèègen dokkele
een beetje huilenun potje jaanke
een bot mesdaor kande mee op oew kont naor keulen rije
een liedje zingeneen potje kwekke
een straat achterafhet sijs
en dat we toffe jongens zijnen tateme toffe jongens zijn . opmerking: is geen Kets, maar algemeen bekende uitdrukking.
Ga maar eens uit je dak maar hou het netjesDoe marres gek mar hauwet fèèn
Ga maar spelen in de speeltuin van de Efteling dan verveel je je nietGoa mar gaauw speule in de spultuin van du'n Efteling dan vervilde oe eige nie
Gaat het; anders wil ik je wel even helpen hoor!Goagut aanders wikoewel efkes hellepe hor!
half kopje koffie of theewolks bakske
heen en weeruup en truug
het gaat vanzelfhet goat van eiges
het is altijd zoties aaltij zo
Het is hier altijd wat, wat nu weer, nou dat weer!ties hier altèèd wè, wè nou wir, nou dè wir!
het is zo tijdties zo 10 uur
het regent, ben je niet vergeten je rubberlaarzen mee te nemen?ut rèègent, zedde gij nie vergete oe dokkelèèrze mee te neme?
hier of daarherres of geuns
Hij heeft altijd een leuk gesprekHij heej altij goeie praot
hij heeft diarreehij is oan de reeskak / oan du'n dunne . opmerking: is geen Kets, maar algemeen bekende uitdrukking.
hij heeft het goed fout gedaanhij hèèget knap begaoid / noast de pot gepiest
Hij heeft niets te vertellenhij zit ur ginne n'ééne
Hij is bang!Hij heej peur!
hij is een gelovig menshij ies een grôôt missoal
Hij is een zielig figuurTies ne goeie kloat
Hij is even op en neer naar de bakker voor een zak broodjesHij ies up en truug noar du'n bakker vur ne zak brooikes
hij is helemaal gefocust op ......hij hèèget zaank op .......
hij is op vakantie naar de canarische eilandenhij ies op vakaansie noar de canollie ailaanden
hij is verkoudenhij hej ne klets te pakken
hij is weggegaanhij ies du'n hort op
hij kreeg toch op zijn donderhij krèèg toch de wend van vurre
Hij wil veel voor niets en weinig voor een beetje; het is een echte profiteur.Hij wil veul vur niks en wèènig vur un bietje; ties nu'n èchte klaploaper
Hoe kom je daar nu bij, dat heb ik helemaal niet gezegd!hoe komde gij doar nou bij, dè hek hillemoal nie gezeed!
hou je mondhauwt oew klep dicht
iemand aanhoren die je niet serieus neemtdoar moete gewôôn wè mee oan dabbere
iemand die iets tekort komtdu'n dieje die héé ok nie veuroan gestoan
iemand vraagtde ketsheuvelze zegt: " dè witte gij nie!"
ik ben te ver uitgelopen in mijn werkik zit te wèèd in mun aachterwèèrk
ik ben zo zat als een maleierik zei zo zat als een schup
Ik blijf hier gewoon zitten want ik heb tijd genoegIk blèèf hier gewôôn zitte want ik heb tèèd zat
Ik doe dat niet graagIk doe dè zo nooi
Ik moet nodig plassenIk mot zeekuh es nuh reegur
ik woon in de berndijkik woon in het twedde stroatje
is hij een familielid van jullie?zit ie bij jullie in de permetoasie?
Je bent oud en wijs genoeg om dit te doenGe zè maans genoeg om dè te doen
Je hebt het of je hebt het nietGe hègget of ge hègget nie
je moet niet meteen vanuit je werk op vakantie gaange mot nie inèèns van oe wèèrkbroek in oe vakaantiebroek kruipe
je voelt jezelf bedondertge voelt oe eige besodemieterd
Je zou het maar eens duidelijk moeten makenGe zoggut mar ies vur du' n blakke moete brengen
kijk eens of hij kijkt en anders niet kijkenkèkt ies of ie kèkt en aanders nie kèke
kijk naar jezelfkek noar oew eege
mijn borreltje is leeghij ies omgevalle
Nooit of te nimmernaa nie en noot nie
nou zeg!oe toch!
ons tante Jana is ernstig ziekoons taante Jaans ies zwoar zieèk
schaatsen op de Kaatsheuvelse ijsbaanschotse op de Ketsheuvelse èèsbaon
schrijf jij het nou maar op dan zal ik het wel zeggendoede gij nou mar schrève dan zal ik wel proate
sla met ei en aardappelensloaj mee aai mee erpel
Spelen en ondertussen vallen de prijzenSpeule en meepessaant rammelt du' n buil
van een bot meszo bot es ne stront
van het veld afvan de waai aaf
van wie ben je er een?van wie zedde gij dr inne?
verwaand iemanddes nun kwaast
Wat ben jij secuurWé zeide gij ne zemelair
Wat doe je toch vervelend, verveeloor!wè ligde toch allemoal te wallige, walgend!
wat een mooi liedje!wèn schôôn lieke!
wat sta je daar toch te knoeien, knoeipotwè stoade doar toch te dèdele, dèdelèèr
wat zegt u meneer zou u dat even kunnen herhalenwa!! / wè!!
Wat zit je toch allemaal niets te doen!Wè loapte toch allemaol te lellepoaten!
we doen maar wat aanwe kloate mar wè d' oan
Weet je wat je doet, hou je sterk, en overdenk met nog maar eenswitte wè ge doet, haauwdoe èige goêd, en ge vervat ut nog mer ies
Weet je wat je kunt, niets kun je, dat kun je!Witte wè ge kaant, niks kande, dè kande!
zij staat in de keukenze stoat op de gut
zij staat op punt om te bevallenzij loapt op alle dag
zo lang als het dauwt, hoeft het voor mij niet te regenenzolang es ut hard daauwt, hoevet vur mèèn nie te rèègene
Zulke zijn zozukke zen zo
zwijg, het doet er niet toezwèèg, toet er nie toe

545 woorden

(de hele nacht) doorfeestenNaachtbrouke

A

aan weerszijdenaon wirskaante
aanharkenrèève
aanrechtnorecht
aardappel schillenèèrpel schelle
aardappelenèèrpel
aardbeierbezie
aardbeierrebeesjes
ademenhosseme
afdak voor karren onder te zettenkarschop
afdrogenafdreuge
alpinopetpukkiepet
als ik iets doeakwadoe
altaartaltaor
altijdaaltèèd
ambtenaaraamptenèèr
antoniusbeeldtantoniusbild
Antoniusstraat (vroeger) Kruisstroat
armèrrem
asociaal persoonsprel
au bon marché (naam van een voormalige winkel in Kaatsheuvel) aauw bommerzjee
autoluxe woagen
autobedrijf Martens Otten (voormalig bedrijf in Kaatsheuvel) groazje martdezotte
azijnazèèn

B

bankbaank
bartôôg
bediepert
begrafenisbegroffenis
bejaardenhuisaauw mannehuis
beroertestil beslag
bezembessem
bezurenbesniete
bijnabekaant
Bioscoopbieskoop
BisschopBieskop
blaarblèèn
bladeren (van de boom) bloijer
blik en vegerblek en vèèger
bloemenblomme
blousebazeroen
blufwolkse kak
bluffenstoefe
boekhouderboekhaauwer
BoerenkoolBoerenkwôal
boerenkoolboerenkwâl
boerenkool stamppotgruunstaamp
boomgaardboogert
bradenbraoje
brakenspauwe
bramenbremme
bramenbiezeme
bramen plukkengoan bremme
Brandsestraat (vroeger) braanse steeg / stigt
brandweerkorpsbraandweerlui
brandweerwagenbluuswaogen
BredaBridôh
breienbraaje
bretelsgummigalge
broekboks
broerbruur
broertje / zoontjedie klèine
buitenlandse gerechtenvrèmd eten
burgemeesterburgemister
busbuus

C

cafékefee
cervelaatworstcesies
chocoladesjokloade
ChocoladeKwatta
claxonerentoeteren
coca colakoola
condoomrègenjas
crematiecrimaosie

D

dadelsmèrlap
dadelijkdaoluk
dansendaanse
de andere dagsaanderdoags
de Co-opde kopperoassie
dennenappelmaastappel
dikke vrouwmeulepèèrd
Direct / meteensewèèle
directeur schoenfabriekfabrikaant
doe de deur dichtdoe die plank in dè gat
doeihoudoe
dom persoonlompert / du'n dieje die hee ôk nie veuroan gestoan
domme vrouwtaante truus
doodde pèèp uit
door de regen lopendokkelle
draaimolenmallemeulen
Dreefseweg en Erasstraatirste en twidde stroatje
dronkenzo zat es ne pin

E

echt waar?oetoch
een mooie boomnun schônnen bwôôm
een vreemde gangernun vremd un ganger
egelstekenvèrke
eiaai
eigenaardigoarig
eigengereidèègegeraaid
eilandaailaand
elektriciënelektriker
ellendelingklôtveger
En hoe gaat hetenoegaogut
er van door gaand'rtuussenuitpère
erfwèèrft
ernaastd'rneffe
etenbikke
eten (van een dier) frète
eten (van een dier) vrèète
eveneffe
eventjesefkes

F

familiepermetoasie
familie van de Wouwde Sprellen
fanfareherremonie
feestfist
filmfulm
fluitketelfluitkittel
forse manmaanskèrel
fysiotherapeuttirrapeut

G

gaangoan
gaat dat samen?akkedeert dè un bietje?
gaat de afspraak van vandaag door?ist vandoag?
gaat het?goagut
garagegraozje
gauw iets doen iets maken zoals gauw wat eten in elkaar flanzenbegafelen
geldschrabbers
geleidelijk aanvermôts
gelovengeleuve
gemeenteraadgeminteraod
genoegzat
geruildgerolen
geslachtsdelengemaacht
gevaartebezwaai / gevorte
gevangeniscachot
geweerschietgewèèr
gierigaardkrentekakker / Puut
goedemorgengoeie mèèrege
goedkoop (prijs) habbekrats
golfbaangollufbaon
golfengolleve
gootsteenpompbak
gootsteengutsteen
graaggère
gravengroave
groentemangruunteboer
groentengruunte
grootmoedergrutmoeder
gymnastiekgullemestie

H

hagelslagkwattastroasel
hallohy
halve garehalleve zool
handenklauwe
handenhaand
haringherring
haring met uitjeshèrring meej juin
harkrèèf
war
heb jijhedde gij
heihaaj
helemaalhillemoal
herrietramelaant
het aanrechtden norrugt
het aanrechtden norrecht
het is verschrikkelijkties wrêêd
hiernaasthierneffe
hij zit in de gevangenishij zit in 't cachot / aachter de troalies
Hilsestraat (vroeger) du'n hil / ut hultje
hockeyenhokkije
hoe heet jijhoe hiette gij
hoestenblaffe
hoihalleé
hondjoekel
hoofdknuist
hoofdkaaszult
hoofdpijnkoppèèn
hoofdpijnkoppènt
horlogelôzie
hotel Euphonia (voormalig hotel in Kaatsheuvel) de Foonia
houdenhaauwen
hubertusbroodjesmikkemanne
huidvel
huiden (leer) huie
huilenjaanke
huiskiet
huisartsdu'n dokter
huishoudenhuishaauwe
hunhullie
hutspotpeestaamp

I

iemand die alles verkeerd doethij ies unne broiert
iemand die onzin praatkwatsert
ijs brekentaaien
ik ben boos op jouik gao oe aachter ut behang plekke
intelligent persoonnu'n bijdenhaante
is het eten van de hond al klaar?ist frète van d'un 'nond al kloar?
ischiasiezias

J

jammeroch èrrem
jammerties sunde
Jan de Rooystraat (vroeger) kattesticht
jaskapitel
je bent gekkwiep
jeneversnevel
jonge konijntjesjong knèntjes
julliegullie

K

kaantjeskoajkes
kaarskèèrs
kaartenkaorte
kaaskèès
kaasschaafkèèsschaof
Kaatsheuvelketsheuvel
kaatsheuvelse bonbonshaogelslag
kantoorklerkpennelekker
kapelaankaplaon
kapstokportemato
karbonadeKortelet
kastkaast
katechismuskattekiessemus
keikaai
ken jijkende gij
KerkboekMiessôal
Kerstmiskersmus
kieskeurig etenpietse
kiezelsteentjeskiettelkaaikes
kijk daarKi daor
Kijk daarSchoft' em
kijk eenssjoert doar
kijk eenskèk ies
kijk naar die zonderlingesjoert em den oets
kikkerkink
kinderenkènder
kinderenkwaojong
kinderkoppen (keien) kènderkoppe
kinderstoelkakstoel
kipkiep
kippenhokkiepekooi
kippenhoktietekot
klaarkloar
klagenzeike
kleine kinderenraten
kleinzerigkiem
kletsenaawbette
kletsensauwele / wauwele
kleuterschoolbewaorschool
kloosterkloster
kluit zandstrol zaand
knijpennèèpe
knoeiendèddele
knoeiendjemmelen
knoeipotdèdelèèr
knoopkneup
koekoei
koffiedrinkenbakske vatten
koffiemelkrôame
konijn knèèn
konijnenknèène
kopjetas
koudfrooi
krantkraant
krentenmikkrintemik
krijtjeskretjes
kruisbessenknudorisse / kneldorisse
kruiwagenkreuge
kwastkwaast

L

laarslèèrs
ladderleer
ladeloaj / schuif
ladenloaje
lafaardwatje
lamplaamp
lantarenpaallantèrunpoal
lepellippel
libellenaoldekoker
lijmlèèm
limonadelimmenoade
loketlukket
lopenloapen
lui iemandlamme tak
luilaklambal

M

maanmaon
machinemesien
mafkeesoelewapper
mafkeeskoekwaus
mag je dat?maagde dè?
mannenloopsterhollewaai
marktmert
Marktstraat (vroeger) ut sèès
meikevermûlder
meisjemeske
mensmeens
meskoutje
messenslijperschèèresliep
metselaarmetselèèr
mijn moederons ma
misschien / toevalligsewèèle
moemu
molenaarmûlder
mooischoon
mooi meisjeschoon mos
morgenmèrege
musmuus

N

naastneffe
naderhandnoaderaand
nemenvatten
netjes praten / algemeen beschaafd pratenstads praoten
nieuwnei
nijptangnèptang
noest / kwast in het houtkwar, kwaast
nonzuuster
notabelenut groat van de stroat

O

och jee!oetoch
ogenblikefkes
ohoetoch
omaopoe / de aauw mos
ombladerenombloijere
omspittenomspoaje
ondertussenimpessaant
onderwijzermister
ongaarnenooi
ons moedersmoeder
onweerboamûs
onwettig kindveurkèènd
onzinkwats
op en neer lopenrettereren
opgetoupeerd haarsuikerspin
ophouden (stoppen) afschaaie
oppermanuuperman
opschietenaffeceren
orgeltùrgel
over het ijs glijdenslibberen
overgevenspaauwuh
overhemdbasurroen / sporthemd

P

paardpèèrd
paardenbloemertkal
paardrijdenpèèrdrije
padenpaoi
pakken (vt: pakte) vatten (vt: viet)
palingpolling
papieren zakjebuil
PasenPaose
pastoorpestoor
paterpaoter
perzikpi
perzikkenpièzeke
petklak
pijppèèp
pindaoolienôtje
pistoolblaffer
pitbaok
plakkenplekke
plankplaank
plasseneirpel afgiete
plastic zakplestieke zak
plastic zakplestieke buil
plooivaauw
plus-fours broekdrollenvanger
politiepliesie / prinsemerrij
politieagentwout
postbodepostbooie
postkantoorpostketoor
potlodenpotlooi
potverderriesakremie
potverdikkesodekaai
potverdriesoudùju
preekstoelprikstoel
proefwerkprufwèèrk
prutserbroaierd
psycholoogspiecholoog

R

Raadhuisgemintehuis
raapstelen, keeltjes (groente), ... stampkèèle, kèèluhstaamp
ramen lappenraomen zeumen
rechtbankrèègtbaank
regenlaarzendokkellèèrze
restaurantresterraant
reumarimmetiek
reusknoeperd
ringetjeringeske
Roestelbergstraat (vroeger) vèèrekesèind
rolstoelwoagetje
rommelzooi
roombotergoei botter
rupsrips
rustig aan doen / rondhangen / zich vervelenlellepôten

S

salamanderturefheks
schaalschaol
schaapschaop
schaarschèèr
schaatsenschotse
schandeschaand
scharenslijperschèresliep
schilderenvèèreve, kwaasten
schoenentreeers
schoenen makenpoarre moaken
schoftkloeatzak
schoppenschuppe
schreeuwenkwèke
sergeantserzjaant
sinaasappelenappelsienen
Sint Jozefparochie (vroeger) ut rooi durp
SinterklaasSunterekloas
sinterklaas inkopen doenklotteren
slaslaoi
sla hem, tinusnaaiterop tinus
sla met ui met ei met aardappelsloai mej juin me aai mej eirpel
slachtenslaagte
slagerslaagter
slagerijslaachterij
slonsvuìl Dientje
smal straatjestraotje
snackbarfrietzaok, friettent
snijwondkreeuw
spaarbankboekjesporbaankboekske
spaarpotsporpot
spadeschup
sparenspaoren
speculaas en taaitaai (als zelfstandig naamwoord) dreug gôed
speculaasjesklaosmannekes
speelgoedspeulgoed
speen (om op te zuigen) tut
speklar
spittenomspoaje
spittenspoaje
spreispraai
spugenkwaaieren
stationstasjon
steegsticht
stelenjatten / stèle
stepaffeceerplaank
stoffen schoenen met rubberzolen van fietsbanden (werden gemaakt in de oorlog) gummiemannen
stormsturrum
stout kindkwoijong
straatstraot
stratenmakerkaailegger
strijkenstrèèke
strijkijzerstrèèkèèzer
strijkplankstrèèkplaank
Strontje (Hordeolum) Schèètoog
Stuk makenvereeneweren
suikergoedsekraai

T

tafeltoffel
tarwe broodtèèrf broad
teertar
tegelijkertijdmeepassaant
Tegendraads persoonAstraand iemaand
teiltèèl
telefonistetillefoniste
telefoontillefoon
televisietilleviezie
TilburgTulburg
toegangsweg naar eigen erfdam
toiletplee
toiletbeste kaomer
tractortrekker
treintrèèn
trottoirbandkaaibaand
tuinbonenmoffelebontjes
tuinfluiterblaauw endappeltje
twijfelentwèèfele

U

Ugij
uienjuin
uitroep van medelijdenachéér!
urinoirwotterplaots / piesbak

V

Vaartstraat (vroeger) de vortkaant
vaasvaos
vaatdoekschôtteldoek
vaatdoekjeschotteldoek
vaatdoekjeschotteldoekske
vaatwasborsteltjeomwaasborsteltje / omwaaskwaast
vaatwasmachineomwaas - / afwaasmesien
vaatwassenomwaasse
vadervaoder
van oud op nieuw vierenDurspeule
van wie ben je er een?van wie zeide gij er eene
vanzelfvanèèges
varkenvèèrreke
veel koeienvul koei
veiligheidsspeldsluitspeld
veldwachtersjampetter
verkouden zijnverkaauwe zèèn
vertegenwoordigerrèèziger
verwarmingverwèèrming
verzekerenverassereren
vindenvèène
visvies
vishandelaarviesboer
vishengelvisgêrt
vissenviesse (VT vieste)
Vlaamse gaaibroekhannik
vliegtuigvliegmesien
vloeken en tierenschrèète
voervoeier
voetballenfoeballe
voorveur
vooruit!allèè!
vorkvekket
vorkverket
vorkvurruk
vrachtwagenvraachtwaoge
vuilnisbakvuilskitttel
vuur makenstoaken

W

WaalwijkWolluk
waar kom je vandaanvan wie zedde gij der een
wacht eens evenwaacht ties effe
wandelenkuieren
Warenhuis Blokker (vroeger) Jo de Fluiter
washandjebadhandschoentje
wasmachinewaasmesien
wassenwaase
wat vind je ervan?wè vèènde gij?
Wat zegt uwè zeede
waterwotter
weet je het zekerties nie waor
weet je het zekerwitte dè zeeker
weiwaai
welkewelk
werkenpaore maoke
werkenwèèreke
werknemerknèècht
werkstermèèd
wethouderwethauwer
wie ben jijwie zèède gij
windwend
winterwènter
wit broodmelkmik
witte broodjeswitte brooikus
worstenbroodjeworstebrooike
worteltjespeekes
wrijvenruisse
wringen (ergens tussen in) vruute

Z

zakdoeksnotlap
zakdoekzaddoek
zakgeldtraktement
zeilbootzèèlboat
zenuwpijnzéénuwspier
Zet hem opGift em van ketoen
zeurenmaawe
zeurenkèven
ziekkolk
zijzullie
zij zijn gescheidenzullie zèn geschaaie
zoekenzuuken
zoldertje boven een schuurschôrke
zoonzeun
zorgenkindhauwkèènd
zuigflestutfles
zuinig iemandpuut
zulthaxel haksel
zulthaksel
zweren (ontsteking) zwèèrderij

3 opmerkingen

  1. Het Kaatsheuvels begint uit te sterven en wordt steeds minder gesproken. De huidige en jongere generatie spreekt het niet of nauwelijks meer.
  2. Saa soo sei saam : Zeer snel schietgebedje dat ons opoe prevelde terwijl ze een kruis sloeg over het brood. Waarschijnlijk de afkorting van : in de naam deS vAders, des ZOOnS, deS hEIligen geeStenS Amen : Saa soo sei saam
  3. de klank ô schrijven zoals in "waogen" (wagen) .
    de klank oe-a zoals in loape (lopen) schijven ; -)
    Het lidwoord "de" alleen voor vrouwelijke woorden gebruiken
    Het lidwoord "den"voor mannelijke woorden gebruiken
    Theo Dirksen