Betsers

Dialecten > Vlaams-Brabant > Betsers

Betsers bevat 4 gezegden, 381 woorden en 1 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers.

PDFLog in

4 gezegden

allemaal gezeverbetserse zeik en ziever
er is iemand verongeluktdowe es inne kepot geblijve
iemand met een lelijk aangezichthee hei e gezicht ver jong hon liejere oep te bassen
iets onverwacht vindeniet bloewet pissen

381 woorden

A

aanhangwagenremork
aanstekerbrikè
aardappelenpe tetten
aardappelmespe tetten meske
aardappelpureestoemp
aardbeiijetsbijr
aardbodemeitsbojjem
aarsgat/strop
ademowesum
aftrekkerraklet
anngetekende briefnen rekkomandij
appelflapbroktes
appelmoesappelspijs
autovetuur

B

bazige vrouwtang
beertonzeikvat
begrafenisdinst
behangentappeseire
benzinenaft
bidprentjebilleke
bigkurre
bij julliebe oelies
bijgeloofsupperstiese
bijnapekan of bekan
bindenbinge
binnendoorte griest
binnendoortegriest
blaffenbasse
bloedworstzwette pens
blootsvoetsbarrevoetsj
boekentasklebas of kelbas
boekjebukske
boompjebumke
boomstronk (wortelen) ijsgat
bordteluur of tluujer
borreldreub
borstelkiejerder
boterhambauke (voor kinderen) of snij broewed (voor volwassenen)
bout (schroefverbinding) blon
breienstrikke
bretellenlitsen
briefje (geld/nota) bletteke
broeksriemsentuur
broekzaktes
bromfietsbrommer of motseklet
bromfietsmotseklet
broodbroewet
bumperbaarsjok
bundel samengebonden dunne takkenhètsel
bundeltjebussel

C

caviaziejerat
centrale verwarmingsjofaash
champignonskampernoelen
chocoladesjoklat
confituurdzjelei
cultivator (landb werktuig) rus

D

daaromdovuir
das (kleding) plastron
dekensawweze
dierenartsden artist
dieselmezoet
dikkopje / kikkervisjeklebotskop
direct (snel..) bots
direct ernabots do oep
dobbelsteenteirling
dominostekkerkattekop
doodsprentjebilleke
dooiendoewe
doorlopend hoofdkussenhupelink
doorspoelen (wc) sjasse
doorweektzeiknat of mestnat
dorpeldeulleper
drinkflesbedon
dronkenzat/stuk in zenne gieles
duwenstoewete
dwarsdwijs
dweiloepnijmvod

E

eekhoorniekhuireke
eendeeng
eens ooitins
egeliegel
elektriciteitellentrik
emmeriemer ook keitel
erggrellig
erwtenette
erwtensoepetsop
erwtsoepetsop

F

fietsveilouw
flessenopenersleutel of aftrekker
foppenne kloewet aftrekken
fotoportret of petrèt

G

gansgaas
ganshiejelemowel
gazonploes/grawes
gebakjepatijke
gehaktbalfrikkedel
gehurkt zittenoep ur hukke zitte
geperste kop/kipkaphujetkees
gevangenisde bak, prezon
gewicht schattenpuize
gipsplowester
gladgelettig
glaspint
gootsteenpoembak
graangrein
Grazen (dorp) Grooweze
grazen (gras eten) graweze
groentelegumme

H

hakenkrosjtijre
halstertoem
hamerhamel
handel drijvenkemers hemme
handenarbeidpoewetkruid
handschoenhaas
hangslotpaddeslot
harkgritsel
helemaalhiejelegans
helemaalhiejelegans of hillemowwel
helemaalhillegans
hemdhumme
hengsthinkst
hielvessem
hierheenherres oepens
hondehokhonskot
hoofdkop
hooihoewe
houtbundelhetsel
houtwormmillever
humoristkloewetentrekker

I

ikich
injectiepikuur
instellinggesticht

J

jeneverjenijvel
jeukuksel
jezusjuzzeke- djuzzeke
jezusjuzzeke
jongen (klein) snotnuis
julliegelle

K

kaarskejes of kès
kaaskeejes
kabouterallevermenneke
kachelstouf
kachelpookkuiterijzer
kalenderallemenak
kalfmeutte
kastschap
kauwgomtuttefrut
kermisattractiefoewer
kersenkiejeze
kerstbroodtauteman
kikkerdrilpaddegedrek
kinderenkingere
kinderenjung
kinderwagenkoeits
kiphin
kleine komkummeke
klinknagelpoeprevet
klompnageltrets
klontje suikere kleukke suiker
knikkermaaj
koekoej
koelkastfriegouw
koffiekaffij
koffiefilterkaffeibeus
kolenhoele
kolen (groente) kujele
kom (keuken)koem
konijnknijn
koning (in) kuining (gin)
koortskeutse
kopakkerhuupand
koppeling (auto) ambriage
koppigdwijs
koprolpiepelepa
krabbenkretse
krantgezet
krasscheir

L

laarzenbotten
ladderliejer
ladeschuif
lampampoel
lawaailewijt
leerlingenschaulkingere
leibandles
lollylekstek
luchterluster
lucifervuurstek of stekske
luidsprekerboks

M

maatpakkestum
manmansmins
medelijdenkompasse
meikeverprittekant
mensmins
merelmeijel
merriemerre
moddermaus
mooischoewen
motomotsieklet
muntstukkeninkel geld

N

naakt (poedel-) moejernaks
nachtvlindermotpiepel
neusnuis
nieuwnief
nieuwjaarnievejowwer
nochtanspertang

O

ogenoege of kuite
okkernotenhokkeneuten
ondergoed (broek) brukske
ondergoed (hemd) onderlefke
onkruidpetteme
opoep
opzij!hoeme
orenoewere
orgeleulleger
overal (kleding) kloun
overjaspardesu
overlijdensberichtdutsbrief

P

paalpowwel
paardpeijet
paarspulleper
pantoffelssloefen of sletsen
papieren geldbrifkes blettekes
pastoorpestoewer (=geen pest oor)
patroon (wapen) kartoesj
penispieke
peterseliepiejetersil
pijpajuin/lenteuisjerlottepelkes
pilsjepinke
pitkijen
pitkijn
polsuurwerkerlouwze
polsuurwerkerlouze
pomppoemp
poortbriejel
portaalpertowwel
portiepauwse
postbodefaktuir
postzegeltember
preipour
prostitueedeulleperzuig
pruikpruk
pruimen (klein) hondskloewete
puddingpap
pulloverwammes
puppy (hond) huinke

Q

quizkonkoer

R

reep chocoladepijl sjoklat
regenbuibeis
regenenreigelen
regenwormpirring
remfrein
reservewielrezerfrad
rietje(frisdrank)spirke
rijkswachtsjonderremerie
rijkswachtcombisjonderremebuske
rijkswachtersjonderrem
rijkswachterssjonderreme
ritssluitingtiret
rokendoempe
roken (sigaret) smaure
rolluikpersjen
rondomronsemedum
rookdoemp
rozijnenbroodrezijnemik
rubberkajoetsjoe
ruitvinster

S

salamisisis
schaaplemme
schaatsschabberdijn
schaduwplekloemer
schoensmeerblink
schortvusgut
schroefvijs
schroevendraaiertoernevis
schuif afrits af
schuivenritse
secretarissikretoares
sleutelsluiter
slordige vrouwhangberlang
smeerput garagefos
snede spekne browe spek
sneeuwsniejef
sneeuwensniejeve
snormestès
soepsop
sokkenkoosse
somsvantijd
spanvijssergeant
spatbord (fiets/auto) mausploat
spek (snoep) maskesvliejes
spijbelenhaagshaul
spinnenwebspinnekop
spoordwarsbalktreinbil
spoorwegijzereweg
sprekenklappe
spuwenspiksele
stekelbeskroesel
stiervijr
stofsteup
stof (bijv. vuil op de kast)steup
stofjaskaspesjeir
storend geluidgeroezemoes
straatstieweg
strostroewe
stuurgoedon
suikerbolkermel

T

taart met dekseleen toet
tabaktoebak
tafeltofel
tapijtmat
tarweterf
tasdzjat
teugelkerdiejel
tof iemandnen rawele
toilethuske
torpedorem (fiets) klasmaa
touwziejel
treinspoorrels of rajs
truibloes of vreus
tuinhof
tuinpadhofboan

U

uidzjeun
uitlaatbuissjachmentbuis
uitnodigennuje
uw (bezittel) oer

V

vaarsvijes
varkenverreke
veele pak
veer (spiraal) ressor
ventiel (fiets) soepap
verwijet
verenigingsouwsjeteit
vergissentroempijre
verkoudenversnooft
versnellingenvitessen
veternestel
vleesvliejes
vliegerwindvougel
vlinderpiepel
voederbietroewoan
vogelkooivougeljeir
vorkverket
vrijloop (fiets) rol lieber
vrouwvromes
vuilmottig/zwet

W

wagenwagel
wasknijperwas-spieke
wasmandbaast
wc toilet't heuske
wesppeerwespel
wielspaak (fiets) blijen
wieltjeraike
wijwee
wortelenpoewete
wortelen (groente) poewete
wortelen (groente) poeete
wortels of boomstronkijsgat

Z

zaagzeeg
zachtjeszutekes
zadelzauwel
zakdoektèsneusdoek
zakdoektesnuisdoek
zeemvelvinsterleer
zeildoekbasjh
zeiszeisum
zeker bij....sertoew
zender (tv/radio) post
zetpilsuppozitwaar
zeugzoeg
zeverijle
zich bukkenoch kroemp doen
zigeunerboheimer
zodadelijkstriejen
zodadelijkstriejen of sewwes
zoethoutstokkauklis of klishout
zonde-sneusung
zwaluwzwaillever
zwanger zijnse es in posiese
zwemmenzwumme
zwier - schommelhoulijs of zwik zwak
zwoegenkloewete afdrowe

1 opmerkingen

  1. typisch gesproken taal van en te Geetbets zelf gebruikt, soms sterk afwijkend in deelgemeenten Grazen en Rummen