Vertaal

Vertalingen opleiding NL>EN

de opleiding

zelfst.naamw. (v.)
Uitspraak:  [ˈɔplɛidɪŋ]
Verbuigingen:  -en (meerv.)

onderwijs met een bepaald doel - education, training
koksopleiding - cooking school
een opleiding tot logopediste - a speech therapy training

© K Dictionaries Ltd.

Overige bronnen
de opleiding (v) the training ; the education ; the schooling ; the learning ; the doctor's practice
de opleidingthe tuition ; the institute
opleiding educational programme

Bronnen: interglot Diving dictionary MWB
Synoniemen
NL: cursus
NL: instituut
NL: scholing
NL: schoolopleiding
NL: vorming
NL: oefening
NL: africhting





Er zijn 40 zinnen met `opleiding` gevonden
  1. NL: Een echte opleiding
    EN: A proper education
  2. NL: Onderwijs, Opleiding, Jeugdzaken
    EN: Education, Training, Youth
  3. NL: Kansen op het gebied van onderwijs en opleiding
    EN: Opportunities in education and training
  4. NL: Coördineert de verstrekking van opleidingsadvies en -begeleiding.
    EN: Coordinate the provision of educational counselling.
  5. NL: Geeft opleidingsadvies en -begeleiding aan individuen, bijv. op basis van testresultaten, (opleidings)achtergrond, etc.
    EN: Provide educational counselling to individuals, e.g. based on the results of tests, the individual`s (educational) background, etc.
  6. NL: duale opleiding
    EN: sandwich degree programme
  7. NL: bewijs van inschrijving (voor een opleiding)
    EN: proof/notice of enrolment
  8. NL: inschaling (in een opleiding)
    EN: screening
  9. NL: opleidingsaanbod
    EN: programmes on offer
  10. NL: Opleidingscommissie
    EN: Board of Studies
  11. NL: Opleidingsdirectie (ODIR)
    EN: Board of Education
  12. NL: Een opleiding.
    EN: For school.
  13. NL: opleiding/training
    EN: training
  14. NL: sportonderwijs en -opleiding;
    EN: education and training in sport
  15. NL: afgeronde middelbare administratieve opleiding
    EN: a completed secondary vocational administrative education
  16. NL: opleidingsdoeleinden
    EN: training purposes
  17. NL: Coördineert de activiteiten van verpleegkundigen, assistenten, specialisten, artsen in opleiding en medische staf.
    EN: Direct and coordinate activities of nurses, assistants, specialists, residents and other medical staff
  18. NL: Raadpleegt onderwijsinstellingen voor informatie over opleidingen, toelatingseisen, stages, etc.
    EN: Consult with educational institutions regarding educational programs, requirements, apprenticeships etc.
  19. NL: cursusduur (van de hele opleiding)
    EN: length of a degree programme
  20. NL: opleidingengids
    EN: prospectus
  21. NL: opleidingsbestuur
    EN: department administration
  22. NL: Opleidingscoördinator
    EN: Programme Coordinator
  23. NL: Opleidingssecretariaat
    EN: Education Office
  24. NL: modulaire opleiding
    EN: modular study programme
  25. NL: •het promoten van postacademische en postgraduate opleidingen die relevant zijn voor studenten en beoefenaars van de hierboven vermelde vakgebieden;
    EN: •promoting postgraduate and post-academic courses relevant to students and practitioners in the fields indicated above;

Bekijk alle 40 voorbeeldzinnen met `opleiding`