Wolvertems dialect

Dialecten > Vlaams-Brabant > Wolvertems
Het dialectenwoordenboek Wolvertems bevat 19 gezegden, 424 woorden en 0 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers. Als iets niet klopt of ontbreekt kun je het zelf toevoegen of wijzigen. Log in of meld je daarvoor aan in de rechterkolom.

19 gezegden

arme menserm luis
het heeft geen zin't es gien avans
hij heeft ze niet meer allemaal op een rijtjehij slaagt deur
hij is domdane kent veuste uit t achteste ni
hij is overledenzein pijep es oeit
iemand bedrogen hebbenbij zen pees gepakt
iemand die alles kan bereikendane kan ne pier doen biechten
iemand met dikke borstendaa es veul vollek in de stase
iemand met kromme benenop ze veirken gezeten
iets steleniets schief slagen
in het geniepachter 't gat
in het geniepin den doik
Mijn fiets werkt niet goedMeine vlo ga steeg
niets in de pap te brokkenniets te koeten
slaag gekregenpandoering gad
wat ruik ik hierwariekekikkie
Wat zegt die mens vader Patat zegt die mens en die vrouw viel neer.Wa sei da pee pa Pataat zeit da pe en dei mee dei laa daa
zal hem eens liggen hebbenkzalem es zjuzeke late zien
Ze is zwangerz'is a zo

424 woorden

'ben er niet goed van'k zen gieel meine kluts kweit
'k ben gisteren zwaar uitgeweest'k em gistere in de luster gange
'k heb lustkem goesting
's middags's noenens
's morgenssmerges
"s avondssaves

A

aalputbeirput
aangezichtsmoel
aardappelmachine (oogsten) opsakker
AardbeienJeibeêze
achteruit rijden (met wagen) daazen
agentflik
alweerveneir
amaaija wadde
andersomaverrechts
apothekerpillendroier
appelboomappeleir
applsienaroinappel

B

baal hooinen bot oue
banaanbanan
beefsteakbussteek
beemdenbummeren
beenhouwerbieenaver
belangrijkste misviering op zondagdhoeegmis
benedenbenneen
benzinenaft
beschadigdgeabimeerd, geschallodderd
bierbrouwerbraver
bij daglichtin de kleiren
blauwblaat
boerinpachtes
boeteammende
bordeelkaberdoesch
boswachtergarde / gardevil
braadworstsorsissen
breienbraan
broerbruur
brussegembrussegoem
buikloopkakkera
bultboilt
burgemeesterden beurger

C

chocoladesjokkolat
colacocca
curryworstcurryweust

D

daar is men gierigda ga niks anders beuite dan allien den dump deu tschaa
dagbladgazet
dakwerkerschoillendekker
damestassjakois
dat was iets strafda was iet vrieed
de aardappelen kokende patatten zén aant zoien
de brandweerde poempiers
de broedende kip is aan het broedende kloeke es aant kloeken
de deurde deu
de emmerden ieëmmer
de gootsteende poempbak
de koe is zwangerz'es vol kallef
de krantde gazet
de marktde met (kort "ei" uitspreken)
de meid van de pastooruffraa van de pastoor
de mestvaaltde messing / de messhoeep
de poortde poot
de rechterde zjuus
de vaatdoekde schotelvorre
de verzekeringdasserance
de waterput (drinkwater) de stieeput
de wc"t heushke
dekensoisze
dekenseuzze
deukbluetsch
diner met overwegend mosselen (benefiet) ne mossel soupe
dodedoon
doffer (mannelijke duif) keupper
doodskistlichter
doordronkendeurzopen
dorpteurp
driedraa
driehoekdraahoek
dringendpresee
DringendAllegaa
dronkenzat
dweileen opneemvorre

E

eenieen
een autonen otto
een bordeeleen kabberdoesch
een dikke buikeen dikke koemme & een dikke pains
een kipe kieke
een knoop aannaaienne knop aannoôn
een kop koffieeen zjat kaffé
een meikeverne moailder
een mepeen caramelle
een onnozele ventnen umnouzeleir
een pilsjea pinke
een poloeen bloesken
een schaapne lemme (kort ei uitspreken)
een schortne veskuët
een tafellakennen napt
een uiernen eur
een witte koole witte keuël
eenvoudigsumpel
eerste misviering op zondagde vruegmis
elektricienellentrieker
ernaastderneuffes
erwteneiten

F

fanfaresjostait
fietskettingvlokeet
fietsstuurgidong
fietsstuurgidon
fietsstuurguidon
fietsvorkfourche
foefelaarwensj
fopspeentutter
fototoestelpotrettentrekker
frietfrut
frittenfrutte
frituurfrutkot

G

gaan halengaan ale
gazongazong
gedooptgeduept
geef hem een mepslaagt tem oep zein bakkes
gemeentelijke politieman (vroeger) sjampetter
geuzegeus
gezichtsmoel
goed dronkeneen goei peir aan
Goed dronkenEen goei bees aan
gordijnendrapperies
groentenlegummen
grote borstendikke tette
grote borstenveul volk in de stase
gruwelijk verkeerdgraalek mis

H

haken (handwerk) krosjteren
half twaalfelvenalf
handdoekangtdoek & antdoek
handelaarmarchant
haringeiringk
hen (kieken) poulle
het AN't ABN, schoô vloms
het is een dikbil kalf!tes ne vieijze meutte
het is niet de eerste maaltes den ieste kie ni
het jeukttjukt
het koffiekuisjet stammenee
hij gaat veel naar de kerktes nen echte pilairenbaaiter
hij gelooft allesdie kunde weujsmake da juezeke in de keiseleir zit
hij heeft een grote ....e stond vaveu as ze de ... uitdiejlde
hij is een witte boord krimineeltes just wensj
hij is gestorvene ei zenne paraplu weggesmete
hij is gestorvene ei zen sjiek uitespiejkt
hij is heel armen ei giene nagel veu aa ze gat te krabbe
hij is nog te jonge kan nog nie over zen schoene pisse
hij is nog te jongei es nog nat achter zen oere
hij is te braafe es te braaf
hij neemt dopinge pakt vitess pillekes
hij verdiend eerlijk zijn broodtes wensj nie
hij zit zonder werkes aan den dop
hoe doe je datoe doe de da
hoofddoek, sjaaltjesnurkske
hoofdkussenuppelink
hoogmisdoogmis
horlogearloize
horzelollebie
horzeleuzzel
hout voor de kachelaat veu de stoof
hutsepothoetschepot
hutsepotoitsepot
huurbewijskwettansn
huwelijksfeesttrafiest

I

iedere dagalle dage
iemand slaag geven'k zal a een lap tegen a ore geven
ik ben het eensa das justa
ik doe het nietkust meujn kloejte
ik ga de dieren voederenk gen de biëste voeiere
ik ga een uiltje vangenik goin mei eun bekke afkappen
ik ga naar huiskgoin narhuies
ik ga naar toilet de grote boodschap doenk geun na de boer de gazet leezn
ik weet het nietkween't ni
ImdeUm

J

ja manja joeng
jenevertjewitteken
juffrouwuffra
juffrouwuffraa
juistjust

K

kaarskeis
kalenderalmenak
kalfmeutten
kapotin frut
karbonadenkabbernaan
kardoeskartoujch
kasseisteenkassaastiejn
kermiskerremis
kerselaarkezzeleir
kindjessnotneuzen
klakmoits
kleineklane
klokhuis (van appel of peeraitsenbeet
knikkermerrebol
knikkersmerrebollen
knikkersketten
knoeiendesteren
koekoij
koekoei
koffielepelkafféleiperken
koffiezetkafféset
kolenoeile
komkoemme
konijn (Mannelijk) raar (ne)
koningkeunink
koningginnehapjevol o vant & videeken
kookpotkassoôl
koppelingambriaasj
koppeling (auto) ambrajaas
kosterkeuster
kraaikroh
kribbe (stal) kreubbe
krijgt een leefloona leift van den onderstand
kromkrum
kuikentjespittekes & sjippekes

L

ladderliejer
late mishoeemis
lepelleipel & leiper
leperdliepen
libelleellekopter
londerzeellonnesiel
loopjelupken

M

maaldermoiller
maalderijmoilleraa
maar het is juist gewassenma tes ves gewasse
mandmanne
mannelijk varkenbiejer
marginalenkrapoil
marginalenkrapoel
marrebolmeirrebol
matrasberrezak
medaillemadoille
meesmiejez
meikeverpreekhier
MeiseMaas
mepsaflet
merchtemmeirg-n
merelmieirlong
merelmiëirloem
metsermaitser
meusegemmoizegoem
middagdutjeslopken
mijn vrouwmeujn madam
minderbegaafdesumpellen
ModderMooter
Morsensteutten, gosselen
mosterdmostaat
mosterdmostaad
motorrijwielbrommer
mutsmoetsch
muziekinstrumentexterment

N

naaiennoôn
naastneuffes
nachtspiegelpispot
niet graagnie geire
nochtanspertang
nogthanspertang

O

ocmwpekeshuis
oliebololenbol
onappetijtelijk mengselpaîster
oneerlijke pochende nietsnutfafoel
onfrisse manzwette pee
onfrisse vrouwzwette mie
ongevalaksident
op bedevaart gaan naar Scherpenheuvelop beiweg gaan na scherpeneuvel
op het dakoep tak
open haarddijeit
OppemOppeut
optiekeropticien
orv geldgewin zijn vrienden makena frak aan de juste kapstok ange

P

paardpjeit
paardenstoofvleesscheup
paardestaartpjeiresjeit
paddestoelkabbernoelle
pasenpossen
peippeujp
pekelharingpekelairingk
pereboompeireleir
platte bandplatten tuup
platte bandplatn tuup
pleisterplekker
plotsstoemmelinks
poetsvrouwkeuisjvraa
postbodefakteur
preiparaa
priesterpastoeer
prikkeldraadpinnekesdraad
pruimeboompruimeleir
puitveuz

R

raamveinster
rassoot
regelenarranzjeren
regenschermparaploeij
regenwormpier
reinproper
reizenvoiageren
remfrei
remlichtfreilicht
riekgrijp
rijkswachterzjandarm
roddelenlaméren
rokensmoren
rokensmoeren
rubberlaarzenkatsjoe botten
rubbersandalenzieslaitsen
ruzieambras

S

schaatsenschofferdijnen
scheefkrum
schimmelkaasstinkkeis
schokbrekeramortisseur
schommelboes
schommelde dieze
schrik hebbenverveit zein
schroevendraaiertoernavies
schuif afafrijzer
seffenssebiet
seringensussemienen
slaag krijgenrammeling
slakslek
slechte koop gedaanmostaat geten
sleeslezze
sleutelsleuter
smerig volksoot
snoepsmooister
snoepensmoisteren
snormoestashe
spaarzaam zijnzeuine frang twie kiere droon
spadespoh
spadeschup
spiegeleipjeiroog
spijbelenbrossen
staartsjeit
stationstase
steek je hemd in je broekstekt a slup in a broek & stekt a um in a broek
steenkoolasseskramoelle
stierverren
stoefferblazer
stotterenakkelen
straatjestroikken
straksfleus
strobusselboille stro
strooper (jager bij nacht) brakkenier
stroperbrakkenier
struikelensjoempellen
struikelensjoempelen

T

Tafelkleedammelaken
taszjat
tomaattomat
tomaattommat
tompoezpelleke
tongetjestoengskes
total losspertotal
traktortrakteur
trapper (fiets) pedal
tuinhof
tuindeurdachterdeu
tvteleviesn

U

uw broek staat opena preut staaddope
uw gaspedaalaave gaas
uw rempedaalaave frei

V

vaandeldrapoo
vaarsvijais
vaarsvijeiz
vaatdoekschoteldoek
veelveul
veel kinderenveul soot
veelvraatfretzak
veerressoôr
velg (zonder spaken) riejep
verbrande steenkoolskramoelle
vergietverzijp
VergietTems
verlegendheidaffront
versnellingshendelvittess
verwarmingsjofaais
vierkantjes springenpeirrekinkelen
vijfvouif
vlaamse kermisvlomse foër
vlekplek
vlinderpepel
vodvorre
voetballensjotten
voetje om vazen op te zettenpiëttestalleken
voordeurveudeu
vorkferket
vroege aardappeleniesterlink
vrouwvra
vrouwweuef
vuilsmeirlappera

W

waarom doe je datwaroem doe de da & waaveu dur e da
washandjewasvorreken
wasknijperwasspelle
wat ruik ik hierwariekekkie
wat zeg je me nuwa da ge naa zegt
waterafvoermoozegat
wchoischke
weet je nu het laatste nieuws alwette na 't leste nuus al
weidewa
werkvrouwmaasse
wielrennerkoereur
wipschommelkwikske wiebak
witloofwitloeef
witloofwortelenbieëterwettln
witte penswitte painsch
wolsajet
wortelenwetteln
wortelenweuttellen
worteltjespeekes

Z

zaaienzoin
zakdoekneusdoek
zaklamppillicht & neiplicht
ze heeft lange benenze ei ne langen oeprit
ze is niet thuisz'is op remmel
zeepzieëp
zeugzoug
zeurpietzievereir
zijn de aardappelen al gaarzén de pattatten al meurg
zijn licht gaat opzeuine frang es gevalle
zoutzaat
zwangerin posiese
zwangertege hoek ronde tafel gelope
zware knalvriee patat
zwartezwetten
zwarte pensenzwette painsen