Mechels (BE)

Dialecten > Antwerpen > Mechels (BE)

Mechels (BE) bevat 71 gezegden, 600 woorden en 1 opmerkingen. Alle woorden zijn toegevoegd door onze bezoekers.

PDFLog in

71 gezegden

't is groen hout't is greun aat
betalen bij de koopbouter ba de vis
Broek is te kortOp smirrekes lopen
dat gaat te vertgad ouver z'n haot
dat hij zorgt voor...dattem zeurgt veu ...
dat is voor straksdas ve fluis
dat ken ik nietda komt ni veu in moane dictionair
De gewoontes van iemand anders aannemenWee ba denhond slopt kreigt zen vloeie
deur aan deur verkopernen tchoektchoek
die kent niets van voetbalne racingmarginaal
drie rauwe eierendrau rau aure
dronken zijnmê zatte botte loepe
dronken zijne'krolleke aan èmme
dronken zijne stuk in zenne frak emme
een draad door het oog van een naald stekeneen neulle vèsseme
een mooi décolleténe schoene kommisfeu
een mooi uitgedoste manne vakein
een paard heeft een staarte pjeit ei ne sjeit
een rijkswachternen brooder voan leefde
een slag in u gezichtnen toek oep a bakkes
Een slag in uw gezichtEen mot oep oe bakkes
een veeg geveneen smeir geive
een week iemanda ei en ètteke van pontkoek
een zacht iemandnen bauterkoek
erg domte stoem oem 't eulepe dondere
geen mooi persoonajei ne poembaksmool
gevallenoep zoan pattatte gegoan
het een en ander'tzenlappen poepe me ne floore
het een en andertzen toere poepe me ne floere (ook: tzen lappe poepe me ne slappe..)
het regent terwijl de zon schijntdeuvelkes kèrmis
hij heeft veel armoede gekendaei veul zwette snee gezeen
hij is er van onderèn is schoeppes
hij is gevallena leiter
hij is gevallena is op zen klos gevalle
hij is totaal verarmda wét van gien out paole nemie te make
hij is totaal verwonderda sta mé zenne mond vol tanne
hoofd intrekkenkop in kas
hou je mondeuvd aven teutter
hou uw mondhaufda bakkes
iemand die vlug van kamp veranderdne kazakkendrooier
ik ben het beu'kzen 'tmeug
ik ben het echt beuKzen t beu gelek ka pap
ik ga slapen'k geun onderd meiter platligge
ik laat me niets op de mouw speldenmaon tesse zén toe
ik wil er niets meer mee te maken hebbenik trek er men anne naf
ik word het beu'twèrkt oep moa sisteim
ik zal voor jou eens een varken op een boom jagen'k zal veu ou is e verken oep nen boom jagen
in het zand spelenint jeir speile
lawaai maken - rusie makenvan uilesen tèppe make
menstruerende Russe zèn in'tland
met iemand zijn voeten spelenme iemand zen sjokkedaoze speile
mooie schoenenschoen schoone
naakt lopenin zaonen bloete loepe
neem een beslissingoare of joeng
niets doen't plaffon van de groete mèt schildere
op het toilet met buikloopde pot in de marmer zetten
Ruzie in het huishoudenTis greun aat
spijbelenhaogësjoeëlke lope
stervenzenne keis laate
uitvluchten zoekenda zen truuke van liepe charel
van kleur wisselend snoepnen toeverbol
voor de gek houdenme zen sjokkedoanze spelen
vreemd gaanneuffest de pot pisse
wie praat tijdens het eten verliest zijn eetlustas 't schoppeke blèt verliest het zennen beet
ze hebben mij beetgenomenzemme ne pater oep moa gat geschilderd
ze is platzakz'is rêuzevêus
zich rijker voordoen dan men isverder pisse dan zénne stok lang is
zie dat je geen verkoudheid oplooptzee da ge gien fleuris oepdoo
Zij heeft mooie benenSchoen loadinge oender eure poembak
zin of geen zin, het moet gebeurenkak of giene kak, de pot oep
zo meteen heb je het nog aan de stoksebiet nog ne patat up oawe freiter

600 woorden

1ien
2twie
3drou
3drau
4veer
5vaof
7zeive
9neige
10teen
11ellef
12twellef
13detteen
14vieteen
15vèfteen

A

Aangezichtsmool
aanstekerallumeur, brikè
aap (charlatan) méttekoo
aardappelne patat
aardbeijeirbees
achterwerkschoater
achterwerkgat
AdegemstraatDeigemstrèt
ademaassem
afgegevenafgeleiverd
afklovenaoëfsjaoëë
afslaaninslage
afvalbelt't stöt
aktentas, boekentaskalpei
algemene chefchef tut
allemeurbriqué
altijdaltout
anjerjenoffel
anjer (bloem) zjenoffel
appendixappoandissit
AsbakSandrié
autootto
auto uitlaate chappement
autobestuurderchoffeur
autobumperBarschok
azuurblauwAppelblaut Ziegreun
azuurblauwbliekblaut appelgreun

B

baardbaad
bakharingboeksering
balpenNe stylo
balpennen bik
bangerikbroekschaoter, schrikkentist
bedkoffer
bedvenger
bedragsoem
belegspaajs
België (figuurlijk) tland van pattèkes en frut
berghokjehet spin
beroepsmillitairBoeffer ook gamelleboeffer
beschadigdgeabbumeird
beslissendessideire
besmeurd (kleding) bekeuzeld
betaaldbeteuld
bevrorenbevrooze
bewegenbougjere
bewegend grondvlak (kermisspel) kakkewalk
BHNe sutièn
bijbao
bij (insekt) béé
Bij (insekt) Peewips
bijnabekan
bijzitaoënhaager (-haagster)
blauw oogblao chik
blindedarmontstekingappendicite
blootvoetsberrevuts
bochtdroo
boekentascalpain
boekentaskalpei
BonheidenBonhaoje
boodschappentaskabbas
boomboem
bord (eetbord) taloer
bordentaloere
Borst (vrouw) tèt
boterhambau
bouwtbauft
brakenover zen toeng kakke
brakenspaove
brakenober zen toeng kakke
brakengeubelle
BrandweerPoempeer
BredaBreidá
broekzaktès
BrouwerBiersteker
BrouwerijBierstekeroa
Brusselaarne keekefrètter
buikloop't vleegend schoat
buikloop't loepend schoat
buiklooptbroebelschaot
bumper (auto) baarchok
bustehouderkommisveu
bustenhoudertèttasjeir

C

cafestamenee
centrale verwarmingsjoffaazj
commissariscommeseir
continuieëlëk hondsgezeek
cowboyne kojboj
criminelecrimeneile

D

de bocht om gaatafdrooje
de bocht omgaanafdrooje
De burgemeesterdenbeurreger
De Geitenstraathet strukke van de lijn
de honddenhond
de Leuvense vaartde Leuvese vaat
de overloopden aléé
de politiede polis
deelpaart
denkpaos
denkenpaose
denneappeltots
dennenappelnen tots
deurduir
deur aan deur bellen (kinderspel) belleketrèk
deurlijstchambrant
dezedeis
doelwachterképer
donkerhuidige persoonnen tchoektchoek
dooddoed
doordui
doorgaanduigaon
dorstdeust
drankgelegenheidstamenei
driedrau
drieëndrauën
DronkenE stuk in au kloete
dronkenzat
druktebegankenis
DuivelLoekendouche
dwaas persoonlorejas
dwaashedenfollèekes

E

eenne
Een aanhangwagenNe remork
een aanrijdingne koekembak
een arme boerne kuiterboor
een autonen ottauw
een bordeen taloer
een donkere herberge kabardoesjke
een fiere vrouween oevejèrege tik
een fietsnen euts
een jongen met deugnietenstreekenne schoover
een kaarseen keis
een kerkbezoekerne pileirenbaoter
een kleine hondne knoeselboater
een liede lieke
een persoon die steeds tegenstribbeltne pètter
een politieagentne police
een slordig, onachtzaam persoonlabberlot (labberlottig)
een soort droge, zoute visnen bauling
een struiknen oechel
een tweeledig damespakjeeun deupjéske
een veldwachterne sjampetter
een vergietnen temst
een vlinderne pepel
een vorke verket
eerlijkierlèk
eerlijkeierlèke
eierenaore
eigenaaraogenèr
eigenlijkaogelèk faotelèk
elkaarmekander
enkelknoesel
ergensieverans
etenfrette
eventjesefkes

F

fantasietjesfanterlokskes
feestfiest
FietsHeuts
fiets velô
fietsvélo
fietsvlo
fietsenvélorijen
fietsstuurgedon
fietswiel zonder spaken (speeltuig) ne riep
fietszadelsel, zoal
fluitenflôôte
foefelaarkweddeleir
fopspeentutter
foutenfaote
frietne frut
frunnikenfruschelen

G

garnalengernoot
gauwe gaa
gebakjepatteike
gedurig aanaoënéénhatëtig
geengien
geen borstengien tètte
gehaktGekapt
geldcente
gelijkspelnen drau
gelijktijdigtegelaok
generatiegeneraasse
geruitkarou
geschiedenishistoure
geslachtsgemeenschap hebbenvoagelle
gevangenisBak
gevondengevonne
gezichtbakkes
gootsteenpoembak
gordijn't gordaon
gordijndrapperie
graaggeire
GrasGes
grasperkden bloak
gratisverneet
grondlaagfundament
grotegroëte
GSMgeejèsemmeke

H

haareure
haar (zij) huir
haar kapseleur kallot
haarknot (haartooi bij vrouw) nen tots
halenlange
handtaschakos
hartèt
heeftei
heeft het zineiget avans
heiligehaolege
helemaal niet !bëlangë nie !
het geldde cente
het heilig hart't Oulig èt
Het is een muggenziftertis nen échte peezeweever
het is heel eenvoudig't is sumpel
het kolenhok't koulekot
het nieuws't neefs
Hij begon begon te wenen met veel lawaaiA zette zaon sirein oep
hoe veroe veir
hondne keffer
hond (straathond) nen tij
hoofdtèppe
hoogteoechte
hoovaardigoevejeirg
huisraadpottekarrai
hulpheullep

I

iedereeneederien
iemandeemand
iemand beetnemennen oap oup ze gat schildere
Iemand die veel aandacht vraagtPlakker
iemand die veel weentbleitsmoal
iets nemen, iets haleniets langen
ikeech
ik benik zen
ik ben platzakik ben rêuzeveus
ik denkk' paus
ik hebk'hem
ik kan niet alles zien hoor'k em gien oege oep me gat zenne
Ik zie hetk'zeent
ikkeikke
immersoemes

J

jaspalto
jasfrak
jea, oe, ge, gau
jijgau
jongenjoenge
juistzjust
julliegelle, gaule

K

kaarskeis
kaarsboejee
kaartspelenmé de kaate speile
kaaskeis
kachelstouf
kalenderalmenak
kamerjasmenne robe
kanariekorneullevoagel
katapult (speeltuig) mik
kauwgomnen tuttefrut
kauwgomlangenasem
kauwgomne lange asem
kauwgomtuttefrut
kauwgomballenbaksjikkelettenbak, sjikkenbak
KauwgumLangenasem
keelpeppeke
keelstrot
kerelkeirel
KerstmanKèstman
KerstmarktKèstmèt
kikkerkikveus of 'veus
kinknep
kinderenkadeeje
kipkèèke
klagenreklameire
kleiaardepotjeir
kleinklaon
kleine autosardinnedoes
kleinen aapmetteko
kleinkindklaokind
klimmenklaevëre
klotenkloëte
kluiskloas
knikkermèrrenbol
KnikkerMerrebol
knikkersmèrrebolle
knoeienkoefelen
koelkastouskas
koffiekaffe
koffiedoorgietkaffebeus
kolenhulle
konijnkornaun
koningkeuning
koortskeuts
kopjezjat
krantgazèt
krijgenkroage
kromkroem
kruimelen (met eten) muzzelen, kreumele
kruiwagenkeurrewaggel
kruiwagenkeurrewagge
kuipbasseng
kuitenbrojen

L

lampenkapabbajoer
lange krullen (haartooi vrouw) keiskrolle
lange overjaspardeseu
lange regenjaseimpermeabel
lastigambetant
leelijkliellèk
lepelleipel
leverleiver
liegenbeuzelen
lieveheersbeestjelivraovebiesje
lieveheersbeestjebiesjemeuleke
liezenièkenissen
lijnwaadkastlaovètkas
limonadelumenaat
luchtloecht
luchtpijpkaurepèpeke

M

maandmeund
mannentoilete pissoun
marktmèt
maskermoembakkes
MechelaarMècheleir - Maanenblusser
meisjemèske
meisjemokke
melodietjeèrreke
miermeurzoaker
Mieren (insekten) Miezaukes
minuutmeneut
moeilijkmoejelèk
mooischoen
mooi gekleedsjik geklied
mooieschoene
morsensteutte
muismoos
muis (klein) jeirdolleke;meuske
Muizen (stad) Môôze
mutspots
MutsTitantolleke

N

naaldneulle
naarna
naastneuffest, neust
naastnèffest
narciszomerzot
navelnagellenboak
NederlandOlland
Nederlanderkeiskop
nederlandsollands
NederlandseOllandse
NederlandseNeïderlandse
nergensnieverans
nerveus (irritant) persoonpezewever
neusnuis
niemandgiene
niet aan prutsennie aan moessen
nieuwelingvès vlies
nochtanspertang
nodignoedeg

O

omoem
onderhemdjeonderlèfke
Ondertussenswenst
onderzoekonderzeuk
ongekookt - rauwrou
onnozelaarkweddeleir
ontvangstresepse
onvoorzichtige persoonloemperik
onwaarschijnlijkonwarschaonlèk
opoep
op de grond vallenoemvalle
op iets hard bijtensjaovë
op tijdèn taajds
ophoudenoephaove
opklimmenopkleddëreë
opnieuwoepneef
opnieuwvanneir
opschepperdikke nak
origineelorijineil
overgevenspaaven
overjaspardesue

P

paalpileir
paardpjeit
paardekoppjeirekop
paardenbloempisbloem
paardestaartpjeiresjeit
paasbloemenzomerzotten
pannenkoekkoekembak
pantoffelsloef
pantoffelssloeffe
parkeerplaatsparkeirpleuts
partij (hoeveelheid) spausse
PasenPosse
peperkoekschoatkoek
peperkoekpontkoek
perenpijre
pessimistpeiseweiver
pestenkreitë
pestentraetëre
pesterkreitër
pestertraatër
pijn doenzier doon
pintbeer
plagenTreitere
plagenkoejenieëre
plastiek tafelkleedtwalserei
platte mutstittantol
pleister (medisch) sparradra
plezierigplesant
plotsinies
politie (agent) ne pollis
politie (agent) ne klabak
politie (algemeen) pollis
PolitiecelAmigou
poortpaut
potloodkraion
pralineprannil
prentjebeilekke
problemenkwèddele
prullenbegeuze
PuttePút
pyamapizjama

R

rammenasrammenèts
RCMploeg van't stad
remfrei
richtingdirèkse
rijrou
rijbewijsraubewaus
Rijkswachtshanderm
RijmenamRaomenam
riolering/riooldonderlèkse goat
rommelbegêuze
rubberen schoenovertrekkengaloshen
rugzakkalpein

S

schaatsenschofferdaone
schadeschôô
schamel kledingstukschàberke
schelesjaelën otter
schoenschoon
schoenenschone
schommelboesjkameree
schommelboesjkammerée, wiskammerée
schommelboesjkammerree
SchommelWippentouter
schoonschoen
schouderschauver
seffenssëbiet
seringenjozzemeene
sigarettenrook inademenavaleire
Sint-Katelijne-WaverSint-Kateloone-Waaver
Sint-MaartenSinttemètte
slaapkleedrobe
slaaptslaopt
Slag tegen uw hoofdsafflet oep â bakkes
slagerbienauver
slapen - sliep - geslapenslape - slopte - geslopt
slecht geluimdmoeffen
slenterenstesselen
slurpensloebere
smakkend geluid maken (bij het eten)smetsë
smerigsjmèrig
smidsesmis
SnijbonenSleumekes
soldaatpiot
sommigesoemmegste
spadeschup
sparrenboomkéstboem
speelautoeen ziepkist
speelplaatsspeëlpleuts
speeltolnen dop
spelen (kinderen) ravotten
spiegeleipeirdoeg
spiering (vlees) een krab
spinaziepureespineuzestoemp
spoor (trein) rèlle
spoorwegrut
spoorwegden aozere weg
staartsjeit
stationstaasse
steekwagentjeeen duveltje
steenkolenulle
steenkoolulle
stelenpikke, schoeppe
stempelenoep den dop
steptrottinet
stevig drinkenboemelen
stevig knuffelenvernebbelen
stommelingonoezel mènekke
stommelingstoemerik
stoofvleesstoufkrabbe
stoomstrijkijzerstoemstraokaozer
straatvoetbalpottekestamp
strakssebeet
streken verkopenfanterlokke
strekenventjanmenkloete
strijkijzerstraokaozer
struikoechel
struikelenstroempele
stuk (vernield) kappot

T

TafelkleedAmmelake
taget (bloem) stinker
tas koffiezjat kaffe
teelballenkloëte
teelballenbollewinkel
tegen zich aandrukkenteige zen jilèe trèke
tegenwoordigserrewoureg
tegenzetten - klagenroespeteire
tekkertje (kinderspel) loonandand
tentoonstellingekspozzeese
toespijsbaoval
treuzelentaffelen
tuinnen of
turnenjummenas
tvtellevése

U

uw oorajoer

V

vaginaploechen ôôt
vaginamôôs
ValsspelerAaszak
veelvuil
veiligvaolig
veldwachtersjampetter
vensterluikplêffêteur
verbrande steenkoolschrabulle
verhuisdgevroosd
verkopenverkoepe
verkopen (goedkoop) verpatse
verkoudheidvalling
verledenverleije
verlegenbesjëmp
vermoeidpoempaf
verpleegsterneurs
verschillendetefrente
versieren (bv etalage) paleire
vervelend persoonlorejas
verzorgdgesoigneird
vestfrak
VlinderPeipel
vochtvoecht
voetballenshotten
VoetpadTrottoir
volle zaalvollembak
voorvui
voorbijgepasseird
voordeurvuiduir
vorkverkët
vroegvreug
vrouwvrao
vrouwzjenoffel
vrouwenborsteen tèt

W

waaromwoaroem
waarschuwenverwittege
warme jaspalto
warmerwèrremer
WashandjeBeuzeke
washandjebeszekke
wastafelpoembak
WcPisoun
WC't gemak
wct'euske
wcteuske
we hebbenmemme
weegschaalbaskul
weegschaalballans
weekweik
weeralvaneir
weinigwaoneg
wenenbleite
werkwèrrek
wetgevingjustésse
wijwao
wintergerstschokloen
wolsajet
wondkorst(-je)roof, reefke

Z

zaakaffaire
zakkabas
zakdoekzaksendoek
zekerzeikerst
zeker nietballangeni
zetelfotteul
zeverenzèbbere
ziekenhuisklinik
zij (enkelvoud) zao
zij (meervoud) ze
zijnzaon
zijn haarzaon kallot
zijn haarzen kallot
zo meteensebiet
zo meteen heb je het nog aan de stok sebiet nog ne patat up oawe freiter
zodadelijksebeet
zoekzeuk
zomaarzoema
zotdou

1 opmerkingen

  1. Tantafeir zo klonk het toch als ze het uitspraken. Werd gebruikt op twee manieren: Das nogal nen tantafeir = moeial = in de zin van waar bemoeit hij zich eigenlijk mee? Tantafeir wa sedde ant doon wa sukte (wat zoekt ge)? Iemand is in de kast of lade iets aan het zoeken of prutsen waar hij geen zaken heeft of het duurt te lang... Weeral een woord of zinsnede uit het Frans? Tantafeir - temps de faire - of verkeerd Frans temps à faire - veel tijd te verdoen? Hebt ge niets anders te doen dan u te moeien?