NL: zogenSynoniemen: voeden
DE: stillen, säugen
EN: suckle, nurse, breastfeed a baby
FR: allaiter, donner le sein à un bébé
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
gezoogd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik zoog jij zoogt hij zoogt wij zogen jullie zogen zij zogen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb gezoogd jij hebt gezoogd hij heeft gezoogd wij hebben gezoogd jullie hebben gezoogd zij hebben gezoogd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik zoogde jij zoogde hij zoogde wij zoogden jullie zoogden zij zoogden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had gezoogd jij had gezoogd hij had gezoogd wij hadden gezoogd jullie hadden gezoogd zij hadden gezoogd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal zogen jij zult zogen hij zal zogen wij zullen zogen jullie zullen zogen zij zullen zogen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal gezoogd hebben jij zult gezoogd hebben hij zal gezoogd hebben wij zullen gezoogd hebben jullie zullen gezoogd hebben zij zullen gezoogd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou zogen jij zou zogen hij zou zogen wij zouden zogen jullie zouden zogen zij zouden zogen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou gezoogd hebben jij zou gezoogd hebben hij zou gezoogd hebben wij zouden gezoogd hebben jullie zouden gezoogd hebben zij zouden gezoogd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
zoog
|