Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

zamelen vervoegen




NL: zamelen

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gezameld
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik zamel
jij zamelt
hij zamelt
wij zamelen
jullie zamelen
zij zamelen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gezameld
jij hebt gezameld
hij heeft gezameld
wij hebben gezameld
jullie hebben gezameld
zij hebben gezameld
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik zamelde
jij zamelde
hij zamelde
wij zamelden
jullie zamelden
zij zamelden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gezameld
jij had gezameld
hij had gezameld
wij hadden gezameld
jullie hadden gezameld
zij hadden gezameld
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal zamelen
jij zult zamelen
hij zal zamelen
wij zullen zamelen
jullie zullen zamelen
zij zullen zamelen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gezameld hebben
jij zult gezameld hebben
hij zal gezameld hebben
wij zullen gezameld hebben
jullie zullen gezameld hebben
zij zullen gezameld hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou zamelen
jij zou zamelen
hij zou zamelen
wij zouden zamelen
jullie zouden zamelen
zij zouden zamelen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gezameld hebben
jij zou gezameld hebben
hij zou gezameld hebben
wij zouden gezameld hebben
jullie zouden gezameld hebben
zij zouden gezameld hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
zamel

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/zamelen

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald