NL: wegzuigenSynoniemen: afzuigen, opzuigen
EN: drain away, absorb, suck, suck up
FR: drainer, aspirer, attiter
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
weggezogen
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik zuig weg jij zuigt weg hij zuigt weg wij zuigen weg jullie zuigen weg zij zuigen weg
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb weggezogen jij hebt weggezogen hij heeft weggezogen wij hebben weggezogen jullie hebben weggezogen zij hebben weggezogen
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik zoog weg jij zoog weg hij zoog weg wij zogen weg jullie zogen weg zij zogen weg
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had weggezogen jij had weggezogen hij had weggezogen wij hadden weggezogen jullie hadden weggezogen zij hadden weggezogen
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal wegzuigen jij zult wegzuigen hij zal wegzuigen wij zullen wegzuigen jullie zullen wegzuigen zij zullen wegzuigen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal weggezogen hebben jij zult weggezogen hebben hij zal weggezogen hebben wij zullen weggezogen hebben jullie zullen weggezogen hebben zij zullen weggezogen hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou wegzuigen jij zou wegzuigen hij zou wegzuigen wij zouden wegzuigen jullie zouden wegzuigen zij zouden wegzuigen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou weggezogen hebben jij zou weggezogen hebben hij zou weggezogen hebben wij zouden weggezogen hebben jullie zouden weggezogen hebben zij zouden weggezogen hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
zuig weg
|