Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

weglassen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





DE: weglassen
Synoniemen: herauslassen, auslassen, übergehen, überschlagen, überspringen

NL: weglaten
Partizip Perfekt & Präsens
`Hij is gekomen` = voltooid deelwoord (Partizip II)
`komend` = tegenwoordig deelwoord (Partizip I)
weggelassen
weglassend
Indikativ Präsens
der Indikativ = aantonende wijs
ich lasse weg
du läßt weg
er läßt weg
wir lassen weg
ihr laßt weg
sie; Sie lassen weg
Indikativ Perfekt
der Indikativ = aantonende wijs
ich habe weggelassen
du hast weggelassen
er hat weggelassen
wir haben weggelassen
ihr habt weggelassen
sie; Sie haben weggelassen
Indikativ Präteritum
der Indikativ = aantonende wijs
ich ließ weg
du ließest weg
er ließ weg
wir ließen weg
ihr ließt weg
sie; Sie ließen weg
Indikativ Plusquamperfekt
der Indikativ = aantonende wijs
ich hatte weggelassen
du hattest weggelassen
er hatte weggelassen
wir hatten weggelassen
ihr hattet weggelassen
sie; Sie hatten weggelassen
Indikativ Futur I
der Indikativ = aantonende wijs
ich werde weglassen
du wirst weglassen
er wird weglassen
wir werden weglassen
ihr werdet weglassen
sie; Sie werden weglassen
Indikativ Futur II
der Indikativ = aantonende wijs
ich werde weggelassen haben
du wirst weggelassen haben
er wird weggelassen haben
wir werden weggelassen haben
ihr werdet weggelassen haben
sie; Sie werden weggelassen haben
Konjunktiv I Präsens
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich lasse weg
du lassest weg
er lasse weg
wir lassen weg
ihr lasset weg
sie; Sie lassen weg
Konjunktiv I Perfekt
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich habe weggelassen
du habest weggelassen
er habe weggelassen
wir haben weggelassen
ihr habet weggelassen
sie; Sie haben weggelassen
Konjunktiv II Präsens
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich ließe weg
du ließest weg
er ließe weg
wir ließen weg
ihr ließet weg
sie; Sie ließen weg
Konjunktiv II Perfekt
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich hätte weggelassen
du hättest weggelassen
er hätte weggelassen
wir hätten weggelassen
ihr hättet weggelassen
sie; Sie hätten weggelassen
Konjunktiv II Futur I
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich würde weglassen
du würdest weglassen
er würde weglassen
wir würden weglassen
ihr würdet weglassen
sie; Sie würden weglassen
Konjunktiv II Futur II
der Konjunktiv = aanvoegende wijs
ich würde weggelassen haben
du würdest weggelassen haben
er würde weggelassen haben
wir würden weggelassen haben
ihr würdet weggelassen haben
sie; Sie würden weggelassen haben
der Imperativ
der Imperativ = gebiedende wijs
du laß weg; lasse weg

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/weglassen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English