EN: to waxNL: in de was zetten
DE: wachsen, bohnern
ES: encerar, frotar con cera
FR: cirer
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
waxing
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I wax you wax he waxes we wax you wax they wax
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have waxed you have waxed he has waxed we have waxed you have waxed they have waxed
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I waxed you waxed he waxed we waxed you waxed they waxed
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had waxed you had waxed he had waxed we had waxed you had waxed they had waxed
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will wax you will wax he will wax we will wax you will wax they will wax
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have waxed you will have waxed he will have waxed we will have waxed you will have waxed they will have waxed
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would wax you would wax he would wax we would wax you would wax they would wax
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have waxed you would have waxed he would have waxed we would have waxed you would have waxed they would have waxed
|