| Vervoegen: waken |
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
| gewaakt |
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
| ik waak jij waakt hij waakt wij waken jullie waken zij waken |
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
| ik heb gewaakt jij hebt gewaakt hij heeft gewaakt wij hebben gewaakt jullie hebben gewaakt zij hebben gewaakt |
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
| ik waakte jij waakte hij waakte wij waakten jullie waakten zij waakten |
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
| ik had gewaakt jij had gewaakt hij had gewaakt wij hadden gewaakt jullie hadden gewaakt zij hadden gewaakt |
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
| ik zal waken jij zult waken hij zal waken wij zullen waken jullie zullen waken zij zullen waken |
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
| ik zal gewaakt hebben jij zult gewaakt hebben hij zal gewaakt hebben wij zullen gewaakt hebben jullie zullen gewaakt hebben zij zullen gewaakt hebben |
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
| ik zou waken jij zou waken hij zou waken wij zouden waken jullie zouden waken zij zouden waken |
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
| ik zou gewaakt hebben jij zou gewaakt hebben hij zou gewaakt hebben wij zouden gewaakt hebben jullie zouden gewaakt hebben zij zouden gewaakt hebben |
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
| waak |
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. (Zie Engelse grammatica: Gerund) |
| wakening |
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm (Zie Engelse grammatica: Present simple) |
| I waken you waken he wakens we waken you waken they waken |
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. (Zie Engelse grammatica: Present perfect) |
| I have wakened you have wakened he has wakened we have wakened you have wakened they have wakened |
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder –ing vorm (Zie Engelse grammatica: Past Simple) |
| I wakened you wakened he wakened we wakened you wakened they wakened |
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd (Zie Engelse grammatica: Past Perfect) |
| I had wakened you had wakened he had wakened we had wakened you had wakened they had wakened |
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord (Zie Engelse grammatica: Future) |
| I will waken you will waken he will waken we will waken you will waken they will waken |
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
| I will have wakened you will have wakened he will have wakened we will have wakened you will have wakened they will have wakened |
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
| I would waken you would waken he would waken we would waken you would waken they would waken |
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
| I would have wakened you would have wakened he would have wakened we would have wakened you would have wakened they would have wakened |