EN: to wagerNL: wager (bet on): inzetten, wedden, verwedden
DE: wager (bet on): wetten, einsetzen, verwetten
ES: wager (bet on): apostar, hacer una apuesta, jugarse
FR: wager (bet on): parier, miser, perdre
| Gerund |
| De Gerund is een ing-vorm die zelfstandig gebruikt kan worden. |
wagering
|
| Present simple (ott) |
| Tegenwoordige tijd zonder ing-vorm. |
I wager you wager he wagers we wager you wager they wager
|
| Present perfect (vtt) |
| Have/has + voltooid deelwoord / voltooid tegenwoordige tijd. |
I have wagered you have wagered he has wagered we have wagered you have wagered they have wagered
|
| Past Simple (ovt) |
| Verleden tijd zonder �ing vorm |
I wagered you wagered he wagered we wagered you wagered they wagered
|
| Past perfect (vvt) |
| Had + voltooid deelwoord / voltooid verleden tijd |
I had wagered you had wagered he had wagered we had wagered you had wagered they had wagered
|
| Present future (ottt) |
| Toekomst. Shall / Will + hele werkwoord |
I will wager you will wager he will wager we will wager you will wager they will wager
|
| Present future perfect (vttt) |
| Shall / Will + have + voltooid deelwoord. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iets is afgerond op een nader tijdstip in de toekomst. |
I will have wagered you will have wagered he will have wagered we will have wagered you will have wagered they will have wagered
|
| Past future (ovtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + inf. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
I would wager you would wager he would wager we would wager you would wager they would wager
|
| Past future perfect (vvtt) |
| Altijd gevormd door: should/would + have + volt. dw. Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
I would have wagered you would have wagered he would have wagered we would have wagered you would have wagered they would have wagered
|