Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

voorlichten vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: voorlichten
Synoniemen: inlichten, onderrichten, verwittigen, informeren, berichten

DE: voorlichten (inlichten): unterrichten, einweisen, einpauken, erlernen, lernen, erziehen, proben, lehren, anweisen, einprägen
EN: voorlichten (inlichten): inform, instruct, brief, explain, teach, prepare, train, learn
ES: voorlichten (inlichten): enseñar, educar, instruir, dar clases
FR: voorlichten (inlichten): renseigner, enseigner, instruire, donner des cours, donner des instructions

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
voorgelicht
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik licht voor
jij licht voor
hij licht voor
wij lichten voor
jullie lichten voor
zij lichten voor
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb voorgelicht
jij hebt voorgelicht
hij heeft voorgelicht
wij hebben voorgelicht
jullie hebben voorgelicht
zij hebben voorgelicht
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik lichtte voor
jij lichtte voor
hij lichtte voor
wij lichtten voor
jullie lichtten voor
zij lichtten voor
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had voorgelicht
jij had voorgelicht
hij had voorgelicht
wij hadden voorgelicht
jullie hadden voorgelicht
zij hadden voorgelicht
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal voorlichten
jij zult voorlichten
hij zal voorlichten
wij zullen voorlichten
jullie zullen voorlichten
zij zullen voorlichten
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal voorgelicht hebben
jij zult voorgelicht hebben
hij zal voorgelicht hebben
wij zullen voorgelicht hebben
jullie zullen voorgelicht hebben
zij zullen voorgelicht hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou voorlichten
jij zou voorlichten
hij zou voorlichten
wij zouden voorlichten
jullie zouden voorlichten
zij zouden voorlichten
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou voorgelicht hebben
jij zou voorgelicht hebben
hij zou voorgelicht hebben
wij zouden voorgelicht hebben
jullie zouden voorgelicht hebben
zij zouden voorgelicht hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
licht voor

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/voorlichten

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English