Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

voorbinden vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: voorbinden
Synoniemen: voordoen

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
voorgebonden
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik bind voor
jij bindt voor
hij bindt voor
wij binden voor
jullie binden voor
zij binden voor
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb voorgebonden
jij hebt voorgebonden
hij heeft voorgebonden
wij hebben voorgebonden
jullie hebben voorgebonden
zij hebben voorgebonden
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik bond voor
jij bond voor
hij bond voor
wij bonden voor
jullie bonden voor
zij bonden voor
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had voorgebonden
jij had voorgebonden
hij had voorgebonden
wij hadden voorgebonden
jullie hadden voorgebonden
zij hadden voorgebonden
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal voorbinden
jij zult voorbinden
hij zal voorbinden
wij zullen voorbinden
jullie zullen voorbinden
zij zullen voorbinden
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal voorgebonden hebben
jij zult voorgebonden hebben
hij zal voorgebonden hebben
wij zullen voorgebonden hebben
jullie zullen voorgebonden hebben
zij zullen voorgebonden hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou voorbinden
jij zou voorbinden
hij zou voorbinden
wij zouden voorbinden
jullie zouden voorbinden
zij zouden voorbinden
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou voorgebonden hebben
jij zou voorgebonden hebben
hij zou voorgebonden hebben
wij zouden voorgebonden hebben
jullie zouden voorgebonden hebben
zij zouden voorgebonden hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
bind voor

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/voorbinden

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English