NL: volproppenSynoniemen: stoppen, volvreten, verzadigen, overladen, volstoppen, volschransen, voleten
EN: volproppen (volvreten): stuff with food
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
volgepropt
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik prop vol jij propt vol hij propt vol wij proppen vol jullie proppen vol zij proppen vol
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb volgepropt jij hebt volgepropt hij heeft volgepropt wij hebben volgepropt jullie hebben volgepropt zij hebben volgepropt
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik propte vol jij propte vol hij propte vol wij propten vol jullie propten vol zij propten vol
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had volgepropt jij had volgepropt hij had volgepropt wij hadden volgepropt jullie hadden volgepropt zij hadden volgepropt
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal volproppen jij zult volproppen hij zal volproppen wij zullen volproppen jullie zullen volproppen zij zullen volproppen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal volgepropt hebben jij zult volgepropt hebben hij zal volgepropt hebben wij zullen volgepropt hebben jullie zullen volgepropt hebben zij zullen volgepropt hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou volproppen jij zou volproppen hij zou volproppen wij zouden volproppen jullie zouden volproppen zij zouden volproppen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou volgepropt hebben jij zou volgepropt hebben hij zou volgepropt hebben wij zouden volgepropt hebben jullie zouden volgepropt hebben zij zouden volgepropt hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
prop vol
|