Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

volmaken vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: volmaken
Synoniemen: aanvullen, volstorten, voltooien, volbrengen, klaarmaken, klaarkrijgen, completeren, beëindigen, afwerken, afronden, afmaken, afkrijgen, vullen, volplempen

DE: volmaken (volstorten): ausfüllen, füllen, anfüllen, vollgießen
EN: volmaken (volstorten): fill up, fill in, fill
ES: volmaken (volstorten): rellenar, llenar
FR: volmaken (volstorten): remplir, combler, bourrer

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
volmaakt
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik volmaak
jij volmaakt
hij volmaakt
wij volmaken
jullie volmaken
zij volmaken
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb volmaakt
jij hebt volmaakt
hij heeft volmaakt
wij hebben volmaakt
jullie hebben volmaakt
zij hebben volmaakt
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik volmaakte
jij volmaakte
hij volmaakte
wij volmaakten
jullie volmaakten
zij volmaakten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had volmaakt
jij had volmaakt
hij had volmaakt
wij hadden volmaakt
jullie hadden volmaakt
zij hadden volmaakt
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal volmaken
jij zult volmaken
hij zal volmaken
wij zullen volmaken
jullie zullen volmaken
zij zullen volmaken
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal volmaakt hebben
jij zult volmaakt hebben
hij zal volmaakt hebben
wij zullen volmaakt hebben
jullie zullen volmaakt hebben
zij zullen volmaakt hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou volmaken
jij zou volmaken
hij zou volmaken
wij zouden volmaken
jullie zouden volmaken
zij zouden volmaken
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou volmaakt hebben
jij zou volmaakt hebben
hij zou volmaakt hebben
wij zouden volmaakt hebben
jullie zouden volmaakt hebben
zij zouden volmaakt hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
volmaak

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/volmaken

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English