Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

vleien vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: vleien
Synoniemen: aanhalen, flatteren, flemen, flikflooien, liefkozen, likken, meepraten, pluimstrijken, streling, vlemen, kruipen, liefkozing, gestreel, aaiing, aai

DE: vleien (stroop om de mond smeren): flattieren, schmeicheln, schwänzeln, Honig um den Bart schmieren
EN: vleien (stroop om de mond smeren): butter someone up, toady to someone, kiss up to someone, softsoap someone
ES: vleien (stroop om de mond smeren): gatear, halagar, adular, engatusar, dar coba a
FR: vleien (stroop om de mond smeren): flatter, manier la brosse à reluire, flagorner, ramper, marcher à quatre pattes

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gevleid
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik vlei
jij vleit
hij vleit
wij vleien
jullie vleien
zij vleien
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gevleid
jij hebt gevleid
hij heeft gevleid
wij hebben gevleid
jullie hebben gevleid
zij hebben gevleid
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik vleide
jij vleide
hij vleide
wij vleiden
jullie vleiden
zij vleiden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gevleid
jij had gevleid
hij had gevleid
wij hadden gevleid
jullie hadden gevleid
zij hadden gevleid
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal vleien
jij zult vleien
hij zal vleien
wij zullen vleien
jullie zullen vleien
zij zullen vleien
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gevleid hebben
jij zult gevleid hebben
hij zal gevleid hebben
wij zullen gevleid hebben
jullie zullen gevleid hebben
zij zullen gevleid hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou vleien
jij zou vleien
hij zou vleien
wij zouden vleien
jullie zouden vleien
zij zouden vleien
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gevleid hebben
jij zou gevleid hebben
hij zou gevleid hebben
wij zouden gevleid hebben
jullie zouden gevleid hebben
zij zouden gevleid hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
vlei

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/vleien

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English