Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

vitamineren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: vitamineren

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gevitamineerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik vitamineer
jij vitamineert
hij vitamineert
wij vitamineren
jullie vitamineren
zij vitamineren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gevitamineerd
jij hebt gevitamineerd
hij heeft gevitamineerd
wij hebben gevitamineerd
jullie hebben gevitamineerd
zij hebben gevitamineerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik vitamineerde
jij vitamineerde
hij vitamineerde
wij vitamineerden
jullie vitamineerden
zij vitamineerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gevitamineerd
jij had gevitamineerd
hij had gevitamineerd
wij hadden gevitamineerd
jullie hadden gevitamineerd
zij hadden gevitamineerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal vitamineren
jij zult vitamineren
hij zal vitamineren
wij zullen vitamineren
jullie zullen vitamineren
zij zullen vitamineren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gevitamineerd hebben
jij zult gevitamineerd hebben
hij zal gevitamineerd hebben
wij zullen gevitamineerd hebben
jullie zullen gevitamineerd hebben
zij zullen gevitamineerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou vitamineren
jij zou vitamineren
hij zou vitamineren
wij zouden vitamineren
jullie zouden vitamineren
zij zouden vitamineren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gevitamineerd hebben
jij zou gevitamineerd hebben
hij zou gevitamineerd hebben
wij zouden gevitamineerd hebben
jullie zouden gevitamineerd hebben
zij zouden gevitamineerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
vitamineer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/vitamineren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English