Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

verzadigen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: verzadigen
Synoniemen: lessen, doortrekken, volproppen, overladen

DE: verzadigen (zich de buik vol eten): befriedigen, stillen, zufriedenstellen
EN: verzadigen (zich de buik vol eten): satiate, satisfy, fill, to eat one's fill
ES: verzadigen (zich de buik vol eten): hartarse, saciarse, saturarse
FR: verzadigen (zich de buik vol eten): satisfaire, apaiser, assouvir, rassasier, se remplir le ventre, assouvir son appétit

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
verzadigd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik verzadig
jij verzadigt
hij verzadigt
wij verzadigen
jullie verzadigen
zij verzadigen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb verzadigd
jij hebt verzadigd
hij heeft verzadigd
wij hebben verzadigd
jullie hebben verzadigd
zij hebben verzadigd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik verzadigde
jij verzadigde
hij verzadigde
wij verzadigden
jullie verzadigden
zij verzadigden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had verzadigd
jij had verzadigd
hij had verzadigd
wij hadden verzadigd
jullie hadden verzadigd
zij hadden verzadigd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal verzadigen
jij zult verzadigen
hij zal verzadigen
wij zullen verzadigen
jullie zullen verzadigen
zij zullen verzadigen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal verzadigd hebben
jij zult verzadigd hebben
hij zal verzadigd hebben
wij zullen verzadigd hebben
jullie zullen verzadigd hebben
zij zullen verzadigd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou verzadigen
jij zou verzadigen
hij zou verzadigen
wij zouden verzadigen
jullie zouden verzadigen
zij zouden verzadigen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou verzadigd hebben
jij zou verzadigd hebben
hij zou verzadigd hebben
wij zouden verzadigd hebben
jullie zouden verzadigd hebben
zij zouden verzadigd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
verzadig

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/verzadigen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English