Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

verslapen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: verslapen
DE: verschlafen
EN: oversleep
FR: perdre le temps à dormir, dormir trop longtemps

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
verslapen
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik verslaap
jij verslaapt
hij verslaapt
wij verslapen
jullie verslapen
zij verslapen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb verslapen
jij hebt verslapen
hij heeft verslapen
wij hebben verslapen
jullie hebben verslapen
zij hebben verslapen
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik versliep
jij versliep
hij versliep
wij versliepen
jullie versliepen
zij versliepen
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had verslapen
jij had verslapen
hij had verslapen
wij hadden verslapen
jullie hadden verslapen
zij hadden verslapen
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal verslapen
jij zult verslapen
hij zal verslapen
wij zullen verslapen
jullie zullen verslapen
zij zullen verslapen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal verslapen hebben
jij zult verslapen hebben
hij zal verslapen hebben
wij zullen verslapen hebben
jullie zullen verslapen hebben
zij zullen verslapen hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou verslapen
jij zou verslapen
hij zou verslapen
wij zouden verslapen
jullie zouden verslapen
zij zouden verslapen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou verslapen hebben
jij zou verslapen hebben
hij zou verslapen hebben
wij zouden verslapen hebben
jullie zouden verslapen hebben
zij zouden verslapen hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
verslaap

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/verslapen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English