NL: verpauperenSynoniemen: verarmen, verloederen
EN: impoverish, pauperize
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
verpauperd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik verpauper jij verpaupert hij verpaupert wij verpauperen jullie verpauperen zij verpauperen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb verpauperd jij hebt verpauperd hij heeft verpauperd wij hebben verpauperd jullie hebben verpauperd zij hebben verpauperd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik verpauperde jij verpauperde hij verpauperde wij verpauperden jullie verpauperden zij verpauperden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had verpauperd jij had verpauperd hij had verpauperd wij hadden verpauperd jullie hadden verpauperd zij hadden verpauperd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal verpauperen jij zult verpauperen hij zal verpauperen wij zullen verpauperen jullie zullen verpauperen zij zullen verpauperen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal verpauperd hebben jij zult verpauperd hebben hij zal verpauperd hebben wij zullen verpauperd hebben jullie zullen verpauperd hebben zij zullen verpauperd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou verpauperen jij zou verpauperen hij zou verpauperen wij zouden verpauperen jullie zouden verpauperen zij zouden verpauperen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou verpauperd hebben jij zou verpauperd hebben hij zou verpauperd hebben wij zouden verpauperd hebben jullie zouden verpauperd hebben zij zouden verpauperd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
verpauper
|