NL: verontreinigenSynoniemen: besmeuren, vervuilen, vuilmaken, bezoedelen, bevuilen, bevlekken
DE: verunreinigen, beschmutzen, verschmutzen
EN: pollute, blemish, soil
ES: contaminar, manchar, ensuciar, impurificar
FR: polluer, salir, rendre sale, souiller
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
verontreinigd
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik verontreinig jij verontreinigt hij verontreinigt wij verontreinigen jullie verontreinigen zij verontreinigen
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb verontreinigd jij hebt verontreinigd hij heeft verontreinigd wij hebben verontreinigd jullie hebben verontreinigd zij hebben verontreinigd
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik verontreinigde jij verontreinigde hij verontreinigde wij verontreinigden jullie verontreinigden zij verontreinigden
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had verontreinigd jij had verontreinigd hij had verontreinigd wij hadden verontreinigd jullie hadden verontreinigd zij hadden verontreinigd
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal verontreinigen jij zult verontreinigen hij zal verontreinigen wij zullen verontreinigen jullie zullen verontreinigen zij zullen verontreinigen
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal verontreinigd hebben jij zult verontreinigd hebben hij zal verontreinigd hebben wij zullen verontreinigd hebben jullie zullen verontreinigd hebben zij zullen verontreinigd hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou verontreinigen jij zou verontreinigen hij zou verontreinigen wij zouden verontreinigen jullie zouden verontreinigen zij zouden verontreinigen
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou verontreinigd hebben jij zou verontreinigd hebben hij zou verontreinigd hebben wij zouden verontreinigd hebben jullie zouden verontreinigd hebben zij zouden verontreinigd hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
verontreinig
|