Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

verkoelen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: verkoelen
Synoniemen: afkoelen, koelen, verlevendigen, verkwikken, verfrissen, opfrissen, verkillen

DE: kühlen, abkühlen, erkaelten
FR: refroidir, rafraîchir, se refroidir, se rafraîchir

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
verkoeld
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik verkoel
jij verkoelt
hij verkoelt
wij verkoelen
jullie verkoelen
zij verkoelen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb verkoeld
jij hebt verkoeld
hij heeft verkoeld
wij hebben verkoeld
jullie hebben verkoeld
zij hebben verkoeld
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik verkoelde
jij verkoelde
hij verkoelde
wij verkoelden
jullie verkoelden
zij verkoelden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had verkoeld
jij had verkoeld
hij had verkoeld
wij hadden verkoeld
jullie hadden verkoeld
zij hadden verkoeld
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal verkoelen
jij zult verkoelen
hij zal verkoelen
wij zullen verkoelen
jullie zullen verkoelen
zij zullen verkoelen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal verkoeld hebben
jij zult verkoeld hebben
hij zal verkoeld hebben
wij zullen verkoeld hebben
jullie zullen verkoeld hebben
zij zullen verkoeld hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou verkoelen
jij zou verkoelen
hij zou verkoelen
wij zouden verkoelen
jullie zouden verkoelen
zij zouden verkoelen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou verkoeld hebben
jij zou verkoeld hebben
hij zou verkoeld hebben
wij zouden verkoeld hebben
jullie zouden verkoeld hebben
zij zouden verkoeld hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
verkoel

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/verkoelen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English