NL: verheimelijkenSynoniemen: verstoppen, versluieren, verhullen, verduisteren, verbergen, bemantelen, achterhouden, wegstoppen
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
verheimelijkt
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik verheimelijk jij verheimelijkt hij verheimelijkt wij verheimelijken jullie verheimelijken zij verheimelijken
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb verheimelijkt jij hebt verheimelijkt hij heeft verheimelijkt wij hebben verheimelijkt jullie hebben verheimelijkt zij hebben verheimelijkt
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik verheimelijkte jij verheimelijkte hij verheimelijkte wij verheimelijkten jullie verheimelijkten zij verheimelijkten
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had verheimelijkt jij had verheimelijkt hij had verheimelijkt wij hadden verheimelijkt jullie hadden verheimelijkt zij hadden verheimelijkt
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal verheimelijken jij zult verheimelijken hij zal verheimelijken wij zullen verheimelijken jullie zullen verheimelijken zij zullen verheimelijken
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal verheimelijkt hebben jij zult verheimelijkt hebben hij zal verheimelijkt hebben wij zullen verheimelijkt hebben jullie zullen verheimelijkt hebben zij zullen verheimelijkt hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou verheimelijken jij zou verheimelijken hij zou verheimelijken wij zouden verheimelijken jullie zouden verheimelijken zij zouden verheimelijken
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou verheimelijkt hebben jij zou verheimelijkt hebben hij zou verheimelijkt hebben wij zouden verheimelijkt hebben jullie zouden verheimelijkt hebben zij zouden verheimelijkt hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
verheimelijk
|