NL: verheerlijkenSynoniemen: loven, prijzen, roemen, romantiseren, verhogen, verfraaien
EN: the glorifying, the looking exalted, the worship, the adoring
U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)
|
| Voltooid deelwoord |
| Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen` |
verheerlijkt
|
| Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt. |
ik verheerlijk jij verheerlijkt hij verheerlijkt wij verheerlijken jullie verheerlijken zij verheerlijken
|
| Voltooid tegenwoordige tijd (vtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn. |
ik heb verheerlijkt jij hebt verheerlijkt hij heeft verheerlijkt wij hebben verheerlijkt jullie hebben verheerlijkt zij hebben verheerlijkt
|
| Onvoltooid verleden tijd (ovt) |
| Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is. |
ik verheerlijkte jij verheerlijkte hij verheerlijkte wij verheerlijkten jullie verheerlijkten zij verheerlijkten
|
| Voltooid verleden tijd (vvt) |
| wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren. |
ik had verheerlijkt jij had verheerlijkt hij had verheerlijkt wij hadden verheerlijkt jullie hadden verheerlijkt zij hadden verheerlijkt
|
| Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt) |
| Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden. |
ik zal verheerlijken jij zult verheerlijken hij zal verheerlijken wij zullen verheerlijken jullie zullen verheerlijken zij zullen verheerlijken
|
| Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn. |
ik zal verheerlijkt hebben jij zult verheerlijkt hebben hij zal verheerlijkt hebben wij zullen verheerlijkt hebben jullie zullen verheerlijkt hebben zij zullen verheerlijkt hebben
|
| Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden. |
ik zou verheerlijken jij zou verheerlijken hij zou verheerlijken wij zouden verheerlijken jullie zouden verheerlijken zij zouden verheerlijken
|
| Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt) |
| Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn. |
ik zou verheerlijkt hebben jij zou verheerlijkt hebben hij zou verheerlijkt hebben wij zouden verheerlijkt hebben jullie zouden verheerlijkt hebben zij zouden verheerlijkt hebben
|
| Gebiedende wijs |
| bv. `Ga weg!` |
verheerlijk
|