Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

verdagen vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: verdagen
Synoniemen: opschorten, verschuiven, uittrekken, uitstellen, uitkrijgen, uitdoen, afzetten, afleggen, afdoen, aanhouden, verlengen

DE: vertagen
EN: adjourn
ES: suspender, prorrogar, diferir
FR: remettre, renvoyer, reporter, ajourner

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
verdaagd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik verdaag
jij verdaagt
hij verdaagt
wij verdagen
jullie verdagen
zij verdagen
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb verdaagd
jij hebt verdaagd
hij heeft verdaagd
wij hebben verdaagd
jullie hebben verdaagd
zij hebben verdaagd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik verdaagde
jij verdaagde
hij verdaagde
wij verdaagden
jullie verdaagden
zij verdaagden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had verdaagd
jij had verdaagd
hij had verdaagd
wij hadden verdaagd
jullie hadden verdaagd
zij hadden verdaagd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal verdagen
jij zult verdagen
hij zal verdagen
wij zullen verdagen
jullie zullen verdagen
zij zullen verdagen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal verdaagd hebben
jij zult verdaagd hebben
hij zal verdaagd hebben
wij zullen verdaagd hebben
jullie zullen verdaagd hebben
zij zullen verdaagd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou verdagen
jij zou verdagen
hij zou verdagen
wij zouden verdagen
jullie zouden verdagen
zij zouden verdagen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou verdaagd hebben
jij zou verdaagd hebben
hij zou verdaagd hebben
wij zouden verdaagd hebben
jullie zouden verdaagd hebben
zij zouden verdaagd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
verdaag

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/verdagen

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English