Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

ventileren vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: ventileren
Synoniemen: luchten

DE: ventilieren, lüften, belüften
EN: ventilate
ES: airear, ventilar, desaguar
FR: ventiler, aérer

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
geventileerd
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik ventileer
jij ventileert
hij ventileert
wij ventileren
jullie ventileren
zij ventileren
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb geventileerd
jij hebt geventileerd
hij heeft geventileerd
wij hebben geventileerd
jullie hebben geventileerd
zij hebben geventileerd
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik ventileerde
jij ventileerde
hij ventileerde
wij ventileerden
jullie ventileerden
zij ventileerden
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had geventileerd
jij had geventileerd
hij had geventileerd
wij hadden geventileerd
jullie hadden geventileerd
zij hadden geventileerd
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal ventileren
jij zult ventileren
hij zal ventileren
wij zullen ventileren
jullie zullen ventileren
zij zullen ventileren
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal geventileerd hebben
jij zult geventileerd hebben
hij zal geventileerd hebben
wij zullen geventileerd hebben
jullie zullen geventileerd hebben
zij zullen geventileerd hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou ventileren
jij zou ventileren
hij zou ventileren
wij zouden ventileren
jullie zouden ventileren
zij zouden ventileren
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou geventileerd hebben
jij zou geventileerd hebben
hij zou geventileerd hebben
wij zouden geventileerd hebben
jullie zouden geventileerd hebben
zij zouden geventileerd hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
ventileer

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/ventileren

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English