Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

vastgespen vervoegen




NL: vastgespen
Synoniemen: aangespen

U-vorm: Vervoeg volgens de 2e persoon enkelvoud. (advies Taalunie)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
vastgegespt
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik gesp vast
jij gespt vast
hij gespt vast
wij gespen vast
jullie gespen vast
zij gespen vast
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb vastgegespt
jij hebt vastgegespt
hij heeft vastgegespt
wij hebben vastgegespt
jullie hebben vastgegespt
zij hebben vastgegespt
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik gespte vast
jij gespte vast
hij gespte vast
wij gespten vast
jullie gespten vast
zij gespten vast
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had vastgegespt
jij had vastgegespt
hij had vastgegespt
wij hadden vastgegespt
jullie hadden vastgegespt
zij hadden vastgegespt
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal vastgespen
jij zult vastgespen
hij zal vastgespen
wij zullen vastgespen
jullie zullen vastgespen
zij zullen vastgespen
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal vastgegespt hebben
jij zult vastgegespt hebben
hij zal vastgegespt hebben
wij zullen vastgegespt hebben
jullie zullen vastgegespt hebben
zij zullen vastgegespt hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou vastgespen
jij zou vastgespen
hij zou vastgespen
wij zouden vastgespen
jullie zouden vastgespen
zij zouden vastgespen
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou vastgegespt hebben
jij zou vastgegespt hebben
hij zou vastgegespt hebben
wij zouden vastgegespt hebben
jullie zouden vastgegespt hebben
zij zouden vastgegespt hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
gesp vast

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/vastgespen

Werkwoorden A tot (en met) Z

Nederlandse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Duitse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Engelse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Franse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z
Spaanse werkwoorden: A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Vervoegen

avoir être willen send sein
© Mijnwoordenboek MMXI | Contact | Privacy | Vaakst vertaald