Synoniemen

NL | DE | EN | ES | FR

Werkwoorden

Werkwoorden vervoegen

vasten vervoegen

Vul een werkwoord of werkwoordsvorm in van een Nederlands, Duits,
Engels, Frans of Spaans werkwoord.
Bv: denken, dacht, sms'en, sein, have, avoir, être, aller, hablar





NL: vasten
Synoniemen: abstineren, onthouden

DE: fasten, enthalten
EN: abstain, fast
ES: ayunar, abstenerse, hacer huelga de hambre
FR: faire la grève de la faim, priver de, s'abstenir, jeûner, s'abstenir de, faire carême, faire son carême, observer le carême

U-vorm: Vervoeg zoals `jij`. (2e persoon enkelvoud) (advies Taalunie)
men, het, zij (enkelvoud): Vervoeg zoals `hij`. (3e persoon)

Voltooid deelwoord
Wordt gebruikt om de voltooid tegenwoordige tijd, de voltooid toekomende tijd en de voltooid verleden tijd te vormen`
gevast
Onvoltooid tegenwoordige tijd (ott)
Deze tijd geeft een handeling weer die op het moment van spreken plaatsvindt.
ik vast
jij vast
hij vast
wij vasten
jullie vasten
zij vasten
Voltooid tegenwoordige tijd (vtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaatsvonden en afgerond zijn.
ik heb gevast
jij hebt gevast
hij heeft gevast
wij hebben gevast
jullie hebben gevast
zij hebben gevast
Onvoltooid verleden tijd (ovt)
Deze geeft een handeling weer die in het verleden plaatsvond, en waarvan het `afgerond zijn` niet nadrukkelijk aanwezig is.
ik vastte
jij vastte
hij vastte
wij vastten
jullie vastten
zij vastten
Voltooid verleden tijd (vvt)
wordt gebruikt voor handelingen die vanuit het verleden gezien in het verleden plaatsvonden en al afgerond waren.
ik had gevast
jij had gevast
hij had gevast
wij hadden gevast
jullie hadden gevast
zij hadden gevast
Onvoltooid tegenwoordige toekomende tijd (ottt)
Deze tijd geeft een handeling weer die in de toekomst plaats zal vinden.
ik zal vasten
jij zult vasten
hij zal vasten
wij zullen vasten
jullie zullen vasten
zij zullen vasten
Voltooid tegenwoordige toekomende tijd (vttt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in de toekomst plaatsvinden en afgerond zijn.
ik zal gevast hebben
jij zult gevast hebben
hij zal gevast hebben
wij zullen gevast hebben
jullie zullen gevast hebben
zij zullen gevast hebben
Onvoltooid verleden toekomende tijd (ovtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden.
ik zou vasten
jij zou vasten
hij zou vasten
wij zouden vasten
jullie zouden vasten
zij zouden vasten
Voltooid verleden toekomende tijd (vvtt)
Wordt gebruikt voor handelingen die gezien vanuit het moment van spreken in het verleden plaats hadden kunnen vinden en afgerond zijn.
ik zou gevast hebben
jij zou gevast hebben
hij zou gevast hebben
wij zouden gevast hebben
jullie zouden gevast hebben
zij zouden gevast hebben
Gebiedende wijs
bv. `Ga weg!`
vast

Directe link naar deze pagina:

http://www.mijnwoordenboek.nl/werkwoord/vasten

Werkwoorden A tot (en met) Z



Nederlandse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Duitse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Engelse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Franse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z

Spaanse werkwoorden
A B C D E F G H I J K L M N O P Q R S T U V W X Y Z



© Mijnwoordenboek MMXII | Contact | Privacy | Vaakst vertaald | In English